Zorgvuldig ruimtegebruik, borgen en bevorderen van ruimtelijke kwaliteit voor steden en platteland.
Deze kerntaak heeft een tweeledige ambitie:
a. Het vergroten van het aandeel hernieuwbare energie.
b. Borgen en verbeteren van een duurzame en veilige leefomgeving.
Om de bijdragen van natuur, landschap en landbouw aan de welvaart en het welzijn te behouden, streven wij naar een aantrekkelijk landelijk gebied met een goede verhouding tussen economie en natuur.
Relatie met de ambities van andere beleidsterreinen:
Gezonde natuur en een gevarieerd landschap zijn niet alleen belangrijk voor de bescherming van planten en dieren, maar ook voor de provinciale waterhuishouding, een goed woon- en vestigingsklimaat en voor recreatie en toerisme. Daarnaast zijn natuur en landschap, net als bijvoorbeeld infrastructuur en water, belangrijke dragers van de indeling van de ruimte.
Met de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) zorgen wij, door het verminderen van de uitstoot van stikstof, voor een goede balans tussen economische ontwikkeling voor (agrarische) bedrijven, infrastructuur en natuur. Een toekomstbestendige landbouw en behoud en ontwikkeling van natuur dragen zowel bij aan de vitaliteit en het beheer van het landelijk gebied, als aan inkomen en werkgelegenheid voor bedrijven in de keten van boer tot verwerkende industrie, recreatie en natuurbeheer.
Het hoofddoel van mobiliteitsbeleid is het realiseren van een goede bereikbaarheid van economische kerngebieden voor zowel personenverkeer als goederenvervoer. Daarbij komt de focus nadrukkelijker te liggen op verkeersveiligheid, duurzame mobiliteit en ruimtelijke kwaliteit.
Behoud en groei van de werkgelegenheid in Overijssel.
Wij werken aan een concurrerende economie met meer werkgelegenheid. Drie pijlers vormen het fundament van deze ambitie: (1) een aantrekkelijk vestigingsklimaat, (2) de aansluiting tussen arbeidsmarkt en onderwijs, en (3) een concurrerend bedrijfsleven. Het beleid staat niet op zichzelf; er is sprake van raakvlakken met de opgaven energie, duurzaamheid en mobiliteit (ontsluiting van de economische kerngebieden). Daarnaast bestaan er afhankelijkheden met publieke en private partners binnen Overijssel alsook met Gelderland, het Rijk en Europa.
Een toekomstbestendig en levendig cultureel klimaat, dat Overijssel aantrekkelijk maakt, waarin de culturele identiteit wordt ontwikkeld en behouden, waarin iedereen meedoet, waarin ruimte is voor ontwikkeling en experiment en waarin cultuur een verbindingsfactor van betekenis is.
Het vertrouwen van de samenleving in Overijssel in het openbaar bestuur neemt toe of blijft minimaal gelijk.
Gebiedsontwikkelingen vormen een instrument om complexe kerntaak overstijgende opgaven te kunnen realiseren. Wij hebben in elke van deze gebiedsontwikkelingen bij uitstek de rol om belangen in hun samenbundeling tot gelding te doen komen. Door de koppeling van belangen ontstaan de zogenaamde meekoppelkansen: het resultaat is meer dan de som der delen.
Overijssel is een samenleving met ruimte voor lokaal initiatief, met inwoners die zich inzetten voor hun eigen woon- werk- en leefomgeving. Noaberschap is de drijfveer.
Wij zorgen voor doelmatig en duurzaam faciliteren en adviseren van het bestuur en het uitvoeren van controltaken om onze doelstellingen te bereiken.
Welkom bij de Begroting 2018!
Gedeputeerde Staten presenteren met de Begroting 2018 de plannen en bijbehorende investeringen voor het jaar 2018. Om u wegwijs te maken op de website van de Begroting 2018, beschrijven we hieronder kort de verschillende onderdelen. Deze leeswijzer kunt u op elk moment raadplegen via de 'i' in de lichtgrijze menubalk.
Nieuw: flexibiliteit
Nieuw in deze begroting zijn de grafieken die de flexibiliteit van de begroting weergeven. De grafieken zijn per kerntaak op de kerntaakpagina te vinden onder de knop 'flexibiliteit'. Per kerntaak zijn er twee grafieken. De eerste grafiek laat de flexibiliteit van de middelen zien. Daarbij maken we onderscheid tussen “Beleid in uitvoering” (niet flexibel) en “Keuzemogelijkheid om middelen anders in te zetten” (flexibel). De keuzemogelijkheid om middelen anders in te zetten geeft inzicht in natuurlijke momenten waarbij een afweging van meer of minder mogelijk is. Daarbij geldt dat het bijstellen van budgetten invloed kan hebben op ambities, beleid of wettelijke verplichtingen. Deze middelen kunnen niet altijd in één keer volledig anders ingezet worden. De tweede grafiek laat zien wel deel van de lasten van deze Kerntaak een structureel dan wel een incidenteel karakter heeft.
Interactieve startpagina
De startpagina van de Begroting 2018 geeft toegang tot alle onderdelen van de website. Te denken valt aan de inleidende samenvatting van de begroting, het hoofdstuk financiën, de verplichte paragrafen en het Statenvoorstel. Via de 'kijklijnen' en de 'zoekhulpmiddelen' zijn alle onderdelen binnen de kerntaken direct te benaderen en te filteren. Via het Overijssel logo bovenaan de pagina en de home knop in de menubalk, kunt u op elk gewenst moment terugkeren naar de startpagina.
Menubalk
De lichtgrijze menubalk is op elke webpagina zichtbaar. Via de menubalk kunt u rechtstreeks navigeren naar de onderdelen van de website. Daarnaast is het mogelijk om via de menubalk op specifieke woorden of termen in de Begroting te zoeken. Hiervoor kunt u de knop van het vergrootglas gebruiken.
In de menubalk zijn verder de volgende acht knoppen opgenomen:
Alle bedragen op de website zijn x € 1.000, tenzij anders vermeld. Afrondingsverschillen kunnen voorkomen.
Functionaliteitenbalk
Onderaan elke pagina van de website staat een functionaliteitenbalk. Via die functies kunt u:
Doelenboom
De doelenboom van de begroting bestaat uit drie niveaus: maatschappelijke ambitie, beleidsdoel en prestaties. Elk niveau heeft een eigen pagina.
Maatschappelijke ambitie (kerntaken)
Het ambitieniveau is het hoogste niveau in de doelenboom. Op dat niveau zijn de volgende elementen terug te vinden:
Beleidsdoelen
Onder het ambitieniveau komen de beleidsdoelen. Op de pagina van het beleidsdoel zijn onder meer de volgende elementen opgenomen:
Prestaties
Het beleidsdoel wordt uitgesplitst in verschillende prestaties. Op de pagina van de prestatie is de context beschreven waarbinnen realisatie van de prestatie plaatsvindt. Ook staan er de acties voor 2018 opgesomd. Verder zijn per prestatie de basisinformatie, achtergrondinformatie en linkjes naar de Atlas van Overijssel opgenomen. Bij prestaties die gekoppeld zijn aan de Reserve uitvoering Kwaliteit van Overijssel en de Uitvoeringsreserve Natuurnetwerk Nederland, zijn de financiën op prestatieniveau toegelicht.
Kengetallen en indicatoren
Conform onze systematiek zijn kengetallen gekoppeld aan de maatschappelijke ambitie en indicatoren aan de beleidsdoelen.
Doelenboomniveau | Verantwoording | Kenmerken |
---|---|---|
Maatschappelijke ambitie | Kengetallen | - externe omstandigheden |
Beleidsdoelen | Indicatoren | - aannemelijk verband tussen onze inspanning en de ontwikkeling van de indicator |
Wij wensen u veel plezier met het lezen van de Begroting 2018. Mocht u technische vragen hebben, dan kunt u contact opnemen met Maarten Prins (M.Prins@overijssel.nl / 038 499 8954) of Hergen Vorenkamp (H.Vorenkamp@overijssel.nl / 038 499 9095)
Namens het college van Gedeputeerde Staten,
Eddy van Hijum
Gedeputeerde Economie, Financiën en Deelnemingenbeleid
Investeren in werk, leefbaarheid en een goed bestuur
Onze inspanningen en de inzet van in totaal € 461,2 miljoen euro, gaan het komende jaar naar de uitvoering van het afgesproken beleid. Onze eigentijdse aanpak en werkwijze wordt breed herkend en erkend. We constateren dat een aantal ontwikkelingen zich sneller en heviger voltrekt. Dat zijn het herstel van de economie, krimp in het landelijk gebied, zichtbare effecten van klimaatverandering en de impact van digitale technologie. In de Perspectiefnota 2018 hebben we voorstellen gedaan om hier door verkenningen en strategieontwikkelingen op in te spelen. Dit sluit aan bij de ambities die de gezamenlijke provincies hebben neergelegd in het aanbod ‘naar een duurzaam Nederland’ voor het nieuwe Kabinet.
In de Perspectiefnota 2018 hebben we voor het impulsprogramma duurzaamheid, het koersdocument voor het natuurbeleid, de integrale netwerkvisie, aanpak circulaire economie en aanpak investeren werklocaties aangekondigd. Voor zover dit nog niet in de begroting is opgenomen volgen hierover nog aparte voorstellen. In 2018 komen we ook met de uitwerking van de aangekondigde verkenningen en strategieën.
In 2017 verwachten we een nieuw kabinet. Naar verwachting zijn de belangrijke thema’s economie, energieklimaat, arbeidsmarkt, veiligheid en immigratie. Bij het schrijven van deze begroting was er nog geen regeerakkoord. Wij hebben daarmee dan ook geen rekening gehouden in deze begroting. In maart 2018 zijn de gemeenteraadsverkiezingen. De samenwerking met het Rijk op basis van het nieuwe regeerakkoord en de samenwerking met de gemeenten op basis van de nieuwe besturen actualiseren we in 2018. Onze centrale thema’s blijven investeren in werk met een krachtige economie, leefbaarheid met een aantrekkelijke leefomgeving en goed bestuur.
Krachtige economie
Beter vestigingsklimaat door scherpe keuzes in werklocaties en terugdringen van leegstand.
We hebben hiervoor € 24,3 miljoen voor de periode 2017-2019 gereserveerd. Hiervan is € 9,6 miljoen voor het programma ‘Overijssel innoveert en investeert’ in de begroting 2018 opgenomen. In de begroting 2018 hebben we € 2,4 miljoen opgenomen om de regionale specialisatie van Twente op de innovatieve maakindustrie in te vullen en uit te bouwen en de Technology Base inclusief Twente Airport verder te ontwikkelen. Gelet op de voortgang in het dossier over proeffaciliteiten op de Technology Base inclusief Airport verwachten we in 2018 aanvullende voorstellen aan u voor te leggen.
De goed draaiende economie leidt tot investeringen in het bedrijfsleven in vernieuwing en vergroting en tot hogere consumptie-uitgaven. De uitbreidingsinvesteringen van al gevestigde bedrijven en van gemeenten en provincie in bedrijventerreinen en infrastructuur gebeuren binnen de kaders en afspraken over deprogrammering. De vitaliteit van binnensteden blijft onze aandacht vragen. We blijven alert, onder andere in relatie tot de Brexit op acquisitie van bedrijven naar Overijssel met stevige kansen voor hightech en logistiek.
Iedereen in Overijssel doet mee
Ondanks de opwaartse lijn in de economie blijven bepaalde groepen een slechte toegang tot de arbeidsmarkt behouden. Wij scherpen het instrumentarium uit de Human Capital agenda aan om dit hardnekkige vraagstuk beter aan te pakken. Tegelijkertijd neemt op de regionale arbeidsmarkt het tekort aan technisch ervaren personeel toe. Aandacht en middelen voor de aansluiting tussen kennis en vaardigheden en de arbeidsmarkt wordt voortgezet.
We investeren in het verbeteren van het concurrentievermogen van het Overijsselse bedrijfsleven. Dat richt zich op het stimuleren van ondernemerschap en innovatie in het brede Midden- en Kleinbedrijf en op de internationale handelsbevordering en in het bijzonder met Duitsland. Voor de aansluiting van onderwijs op de arbeidsmarkt en versterking van het concurrentievermogen van het bedrijfsleven hebben we € 10 miljoen tot en met 2019 gereserveerd waarvan € 2,9 miljoen in 2018 in de begroting is opgenomen.
Overijssel maakt werk van gastvrijheid en vrije tijd
De vrijetijdseconomie in Overijssel heeft de hoogste groei van Nederland. Zo kwamen 15% meer buitenlandse bezoekers naar Overijssel en groeide de sector met 7,2%. Het marktaandeel van Overijssel op de nationale markt groeit nog licht. Hiermee is de sector in Overijssel in de afgelopen 10 jaar een economische factor van betekenis geworden. Om bezoek, verblijf en bestedingen en daardoor werkgelegenheid verder te stimuleren participeren wij in het uitvoeringsprogramma van ‘Gastvrij Overijssel 2016-2020 ‘. Hiervoor hebben we € 10 miljoen voor 2016-2020 gereserveerd. In de begroting 2018 hebben we hiervoor € 2,5 miljoen opgenomen. De sector biedt veel werk biedt aan MBO-ers, laaggeschoolden, deeltijders en toetreders tot de arbeidsmarkt. Festivals en evenementen laten inwoners en gasten kennis maken met de Overijsselse gastvrijheid en dragen bij aan de naamsbekendheid van Overijssel.
Leefomgeving en economie versterken elkaar
De agro&foodsector is belangrijk voor Overijssel. Grofweg beslaat de sector 10% van de toegevoegde waarde, 15% van de banen en 70% van de grond in Overijssel en 1 op de 3 vrachtwagens in Overijssel rijdt met agro&foodproducten. Deze sector verkeert in een transitiefase. Wij ondersteunen die transitie naar duurzaamheid. We positioneren Overijssel als proeftuin en etalage voor duurzame ontwikkeling en nieuwe ketenconcepten. Dit versterkt de concurrentiepositie van de gehele keten en vergroot de kwaliteit van de leefomgeving. Wij doen dat door in te zetten op innovatie en de ontwikkeling van beleid dat deze transitie ondersteunt. We richten ons op een goede balans tussen economie en ecologie en daarbinnen tussen natuur en landbouw. Familiebedrijven hebben een belangrijke rol bij deze opgave. Zij produceren niet alleen voedsel en grondstoffen, maar dragen ook bij aan het beheer van het landschap en de leefbaarheid in het landelijk gebied.
De uitvoering van de Programmatische Aanpak Stikstof zetten wij voort, waarmee we gelijktijdig ruimte maken voor economische ontwikkeling en bouwen aan een sterke natuur. Voor dit programma hebben we € 3,4 miljoen in de begroting opgenomen.
Cultuur is een belangrijke verbindingsfactor in de samenleving
Cultuur bepaalt en vormt onze identiteit en draagt bij aan de economie en aan een aantrekkelijke woon- en werkomgeving. Het is een relevante factor voor het investeringsklimaat. Cultuureducatie en talentontwikkeling zijn belangrijke dragers voor een levendig cultureel klimaat nu en in de toekomst. In 2018 investeren we ruim € 16,1 miljoen om de dynamiek vast te houden en blijvend in te kunnen spelen op relevante ontwikkelingen en kansen.
Aantrekkelijke leefomgeving
Investeren in een veilig en duurzaam Overijssel
Essentieel voor een prettig woon-, werk en recreatieklimaat is een gezonde en veilige leefomgeving. Daarom versnellen wij de verwijdering van asbestdaken, stimuleren duurzaamheid en vergroten het aandeel hernieuwbare energie tot minimaal 20% in 2023. In totaal investeren we hiervoor in 2018 € 10,3 miljoen. Voor de langere termijn richten we ons op de afspraak in het klimaatakkoord van Parijs. Hier past een ambitie bij om in 2050 Overijssel 100% duurzaam kan worden voorzien in de eigen energiebehoefte.
Overijssel is en blijft mooi en leefbaar
We vergroten de betekenis van natuur voor onze inwoners door samen met partners te werken aan meer groen in steden en dorpen en meer speelruimte voor kinderen in de natuur. In 2018 hebben wij hiervoor € 0,7 miljoen in de begroting opgenomen.
Om de verscheidenheid van planten en dieren te vergroten en gelijktijdig bouw- en infrastructuurprojecten mogelijk te maken, geven we ‘natuurinclusief bouwen en werken’ een stevige impuls. Tegen geringe kosten is hier veel winst te behalen, mits ‘natuurinclusiviteit’ vroeg in ontwikkelprocessen wordt meegenomen.
Ruimte voor de rivier vergroot de veiligheid en beleving
In de periode tot en met 2018 is met verschillende projecten de Vecht ontwikkeld tot een halfnatuurlijke laaglandrivier. Meer ruimte voor het meanderende water en veilige afvoer van hoge waterstanden combineren we met het ontwikkelen en ontsluiten van natuurlijke schatten langs de Vecht. De focus verschuift nu naar het benutten van de resultaten. Daarom bouwen we onze coördinerende rol binnen het programma af. Bij Ruimte voor de Rivier IJsseldelta is de eerste fase afgerond door het uitbaggeren van de IJssel en de aanleg van het Reevediep. In de tweede fase gaat het om de hoogwatervoorziening van het recreatieterrein Roggebot en de reconstructie van de N307 aan weerszijden van de nieuwe brug over het Drontermeer. Door voorfinanciering is het project in 2022 afgerond in plaats van in 2025, wat de waterveiligheid, bereikbaarheid en de beleving van het gebied door meer natuur en recreatiemogelijkheden enorm vergroot. In 2018 investeren we hiervoor € 1,5 miljoen.
Vraaggericht openbaar vervoer
De herijking OV-tactiek eindigt in 2018, maar de ombouw van het openbaar vervoer, zoals beschreven in het Koersdocument OV, zetten we de komende jaren voort. Samen met partners en inwoners ontwikkelen we nieuwe vormen van mobiliteit om vraag en aanbod beter op elkaar af te stemmen. Voor de herijking OV hebben we € 6 miljoen in de begroting opgenomen.
De elektrische treinen rijden in Overijssel
Voor een goede economische bereikbaarheid werken we aan een kwalitatief goed, betaalbaar en duurzaam kernnet openbaar vervoer. De spoorlijn Zwolle - Enschede is onderdeel van het kernnet. Met de realisatie in 2018 van het 2de perronspoor, snelheidsverhogende maatregelen en de inzet van extra treinen in de spits gaat de kwaliteit van de treindienst nog verder omhoog. Dit maakt het openbaar vervoer een aantrekkelijk alternatief in de mobiliteitsbehoefte van onze inwoners. Hiervoor hebben we € 21,9 miljoen in de begroting opgenomen.
N35 zorgt voor een snellere verbinding tussen Twente en Zwolle
Door de investeringsbijdrage van de provincie heeft het Rijk de aanpak van de N35 een hogere prioriteit gegeven. Met het oplossen van mobiliteit- en verkeersveiligheidsknelpunten versterken we de doorstroming, waardoor een snellere verbinding tussen Twente en Zwolle ontstaat. In 2018 hebben we hiervoor € 3,9 miljoen in de begroting opgenomen.
Aanpak verouderde infrastructuur en kunstwerken
Om de verkeersveiligheid en de bereikbaarheid te garanderen, is het noodzakelijk om verouderde infrastructuur en kunstwerken te vervangen. In de periode 2016 tot en met 2019 vervangen we circa 23 kilometer hoofdrijbaan en 22 kunstwerken. Voor 2018 hebben we € 10,8 miljoen in de begroting opgenomen. We vervangen of verbeteren ruim 20 kilometer oeverbeschoeiing in het Kanaal Almelo - De Haandrik. Hiervoor hebben we € 4 miljoen in de begroting opgenomen.
Vlot en veilig over de weg
Met het verbreden van wegen, de aanleg van tunnels en daar waar nodig de aanleg van nieuwe wegen leveren we een grote bijdrage aan de veiligheid, doorstroming en leefbaarheid in Overijssel. Komende jaren gaat de schop de grond in voor de aanpak van de N34, N340, N331, N348 en rondweg Weerselo. In 2018 investeren we hiervoor € 51 miljoen.
Goed Bestuur
De ontwikkelingen in de samenleving vragen om een overheid die daar goed op aangesloten is. Een overheid die dichtbij en bereikbaar is. Die weet wat er in de samenleving leeft. Die luistert en inspeelt op de ontwikkelingen en kansen. Het gaat om ruimte voor initiatieven en betrokkenheid van inwoners bij beleid. Tegelijkertijd tonen we daadkracht. De veranderende verhouding overheid en samenleving zorgt voor een ander samenspel tussen Provinciale Staten, Gedeputeerde Staten en het ambtelijk apparaat. Het is van belang om de toegevoegde waarde van de provincie voortdurend scherp te hebben en vanuit die basis te handelen. In 2018 gaan we een nieuwe peiling/onderzoek onder bestuurders uitvoeren naar de samenwerking met gemeenten.
Wij stellen u voor om in het najaar van 2017 met de fractievoorzitters het congres van het trendbureau over het trendrapport ‘grotere tegenstelling’ te bezoeken en daarna met elkaar in gesprek te gaan over de mogelijkheden van uitwerking van de motie naar een nieuwe manier van samenleving in bestaande programma’s.
Samen voor goed bestuur
De landelijke nacht van de integriteit 2018 vindt plaats in ons provinciehuis. We organiseren een expertmeeting om specifiek aandacht te besteden aan de rol van de gemeenteraad bij het interbestuurlijk toezicht.
De financiële positie van gemeenten is verbeterd door de positieve economische ontwikkelingen. Niettemin zijn er toch nog zorgen over het sociaal domein en de ingenomen grondposities. We zorgen in 2018 voor de verdere digitale ontsluiting van de gemeentefinanciën en begrotingscans.
De vermenging van onderwereld en bovenwereld willen we voorkomen. Wij hebben verkend wat we kunnen doen tegen deze ondermijning. In 2018 gaan we een extra impuls geven aan de bewustwording, het weerbaar maken van de organisatie en de samenwerking met partners. We intensiveren ons bibobbeleid om in de pas te lopen met andere overheden. We nemen vanaf 2018 daarvoor € 450.000 in de begroting op.
De eigentijdse volksvertegenwoordiger
We ontwikkelen een serious game, die wij aanbieden na de gemeenteraadsverkiezingen. Wij evalueren de impact van het platform Jij&Overijssel en bezien op basis van de uitkomst welke vervolgacties we inzetten.
Noaberschap karakteriseert sociale kwaliteit
Er ontstaan steeds meer initiatieven die bijdragen aan een grotere zelfstandigheid van inwoners van Overijssel, op het brede terrein van wonen, werken en leven. De kennis en ervaring die lokaal ontstaat, is bruikbaar voor alle Overijsselaars. Wij bouwen in 2018 verder aan het kennisnetwerk sociale kwaliteit. In een interactief proces is het uitvoeringsprogramma 2018 en 2019 ontwikkeld, gericht op: gezond bewegen, zelfstandig leven, Overijssels Noaberschap en delen en leren. Hiervoor hebben we jaarlijks
€ 3,4 miljoen in de begroting opgenomen.
Financiën
Als u alle bedragen optelt die hier zijn genoemd komt u lang niet aan de € 461,2 miljoen die we komend jaar besteden. Het is ondoenlijk alles op te noemen waar we geld aan uitgeven. Dit is maar een samenvatting. De provincie heeft negen kerntaken waarin zij investeert om bij te dragen aan een goede woon-, werk- en leefomgeving in Overijssel. Naast de investering in de kerntaken zijn er ook kosten die niet direct toe te schrijven zijn aan één van deze taken. De hoofdmoot hiervan, € 44,2 miljoen, is bestemd voor de bedrijfsvoering. Een totaaloverzicht is opgenomen in onderstaande taartdiagram.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | ≥20 | ≥20 | ≥20 | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | - | 21 | - | - | - |
Het gaat hierbij om de gemeentelijke uitvoering van de Wet Ruimtelijke Ordening. Onder dit domein valt ook de doorwerking van provinciaal belang in de plannen en visies van gemeenten.
In het kader van Interbestuurlijk Toezicht (IBT) heeft de provincie bestuursovereenkomsten afgesloten met alle 25 Overijsselse gemeenten. Doel van het Interbestuurlijk toezicht is het naar behoren uitvoeren van medebewindtaken van gemeenten. Dit doen we transparant en met zo min mogelijk administratieve lasten voor gemeenten. Eén van de domeinen waar we naar kijken is de gemeentelijke uitvoering van de Wet ruimtelijke ordening. Onder dit domein valt ook de doorwerking van provinciaal belang in de plannen en visies van gemeenten. Jaarlijks geven we een kwalificatie van dit domein in de vorm van één van de volgende kleuren: groen (positief beeld), oranje (aandachtspunten) of rood (negatief beeld). Omdat de kwalificatie 'oranje' al volgt bij een negatieve beoordeling van één van de onderdelen van dit domein, werkt de provincie aan de voorkant nauw samen met gemeenten om dit waar mogelijk te voorkomen. Realisatiecijfer 2017 is nog een voorlopig cijfer.
Per 2016 is dit domein in het toezichtskader IBT samengevoegd met het domein Wet ruimtelijke ordening. In de begroting 2017 is de indicator gewijzigd.
Bron: Gemeenten en Primos
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | ≤ 100% | ≤ 100% | ≤ 100% | ≤ 100% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 84% | 86% | - | - | - |
Verhouding tussen de plancapaciteit van alle gemeenten in Overijssel voor de komende 10 jaar en de prognose van de vraag naar woningen (Primos) in geheel Overijssel voor diezelfde periode.
Voor de vaststelling van actuele woningbehoefte is in 2016 de Primosprognose 2013 gehanteerd. In 2017 is voor de woningbehoefte een systematiek ontwikkeld waarbij meerdere Primos prognoses zijn gemiddeld (in Twente 6 jaar en in West-Overijssel 5 jaar) in combinatie met een bandbreedte. Het verhoudingsgetal in 2017 geeft het midden van die bandbreedte aan.
Hoewel voor Overijssel als geheel de verhouding beneden de gewenste 100% ligt, hebben 6 gemeenten januari 2017 een harde plancapaciteit die hoger is dan de verwachte woningvraag. In Twente is het verhoudingsgetal hoger (94%) dan in West-Overijssel (79%).
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | >30% | >30% | >30% | >30% | - |
Realisatiewaarde | - | 26% | 73% | 41% | 38% | - | - | - |
Het gaat om het percentage van ruimtelijke plannen van gemeenten in het landelijk gebied waarbij de Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving is meegenomen.
De realisatiecijfers komen beschikbaar bij de melding van gemeentelijke ruimtelijke plannen, die melden of de Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving is toegepast. Realisatiecijfer 2017 is de stand per 1 juni 2017.
De indicator scoort sterk wisselend door de jaren heen. Reden hiervoor is dat de verhouding wisselt tussen grootschalige ruimtelijke ontwikkelingen met KGO en kleinere ontwikkelingen waarop de KGO niet van toepassing is. In de voorkantsamenwerking zien we er op toe dat waar de KGO verplicht is deze in alle gevallen correct wordt toegepast. Er zijn per 1 juni 2017 58 plannen gelegen in het landelijk gebied afgedaan. Van deze 58 plannen waren er 22 voorzien van een KGO-opgave.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | toename | toename | toename | 16 | - |
Realisatiewaarde | - | 9 | 11 | 12 | 14 | - | - | - |
Het aantal gemeenten dat een vastgesteld kwaliteitskader voor de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied heeft.
Ondanks dat een kwaliteitskader niet verplicht is voor gemeenten, streven we er naar dat in 2019 van de 25 gemeenten 16 een kader hebben. Realisatiecijfer 2017 is de stand per 1 juni 2017.
De gemeenten Dalfsen, Dinkelland, Enschede, Hardenberg, Olst-Wijhe, Ommen, Tubbergen, Twenterand, Wierden, Zwartewaterland en Zwolle hadden in 2015 een vastgesteld kwaliteitskader. In 2016 is daar Hengelo bij gekomen en Haaksbergen en Hof van Twente in 2017 waarmee het totaal op dit moment op 14 gemeenten zit.
Bron: Waterschappen en provincie Overijssel.
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 100% | 100% | 100% | 100% | - |
Realisatiewaarde | - | 81% | 93% | 93% | - | - | - | - |
Daar waar primaire keringen beschermen tegen buitenwater, beschermen regionale keringen tegen overstromingen vanuit binnenwater. Deze keringen bestaan uit dijken en kaden langs regionale rivieren, kanalen, meren en plassen en liggen bijvoorbeeld langs de Vecht, de Regge en het kanaal Almelo-De Haandrik. In Overijssel liggen 300 kilometer regionale keringen. De keringen zijn aangewezen door de provincie die ook de veiligheidsnormen voor deze keringen heeft vastgelegd in de Omgevingsverordening.
Realisatiecijfers zijn op basis van de tweede bestuursrapportage van waterschappen en worden verwerkt in de jaarlijkse voortgangsrapportages van waterschappen aan de provincie Overijssel. Cijfers over 2017 zijn juli 2018 beschikbaar bij de voortgangsrapportages over het jaar 2017.
Het cijfer van 2016 (meest recent) is het cijfer op basis van de tweede bestuursrapportage 2016 van de waterschappen. De laatste 7% is of gaat in uitvoering voor eind 2018. In sommige gevallen worden beheermaatregelen ingezet om een veilige situatie te realiseren. Deze beheermaatregelen zijn vastgelegd in werkprocessen van het waterschap.
Bron: Waterschappen
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 100% | 100% | 100% | 100% | - |
Realisatiewaarde | - | 98% | 98% | 98% | - | - | - | - |
Wateroverlast vanuit het regionale watersysteem treedt op als de waterlopen in beheer van waterschappen (en in het stedelijk gebied soms van de gemeenten) een hevige neerslag onvoldoende kunnen verwerken en het oppervlaktewater buiten de oevers treedt. Wateroverlast vanuit het regionale watersysteem leidt -in het algemeen- niet tot levensbedreigende situaties maar wel tot grote economische schade en maatschappelijke ontwrichting. De normen voor wateroverlast (overstromingskansen naar gebied) zijn door de provincie vastgelegd in de Omgevingsverordening.
Realisatiecijfers zijn op basis van de tweede bestuursrapportage van waterschappen en worden verwerkt in de jaarlijkse voortgangsrapportages van waterschappen aan de provincie Overijssel. Cijfers over 2017 zijn juli 2018 beschikbaar bij de voortgangsrapportages over het jaar 2017.
Het cijfer van 2016 (meest recent) is het cijfer op basis van de tweede bestuursrapportage 2016 van de waterschappen. De doelstelling is in 2016 niet volledig gerealiseerd. Het waterschap Drents Overijsselse Delta geeft aan dat de laatste 1-2% binnen hun beheergebied nog de nodige aandacht vraagt. Daarbij speelt een effectieve afstemming van de planning op andere projecten en de overweging of de kosten niet onevenredig hoog zijn en wellicht andere maatregelen maatschappelijk effectiever zijn.
Bron: Waterschappen
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 15% | 30% | 45% | 60% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 9% | - | - | - | - |
Op basis van voortgangsrapportages Kaderrichtlijn Water (KRW) waarin voortgang in zes fasen wordt aangegeven: 1. % planvoorbereiding 2. % in uitvoering 3. % uitgevoerd 4. % gefaseerd (naar volgende planperiode doorgeschoven) 5. % vervangen 6. % ingetrokken. Voor deze indicator gaat het om 3. % uitgevoerd. Doelstelling is 100% uitgevoerd in 2021
Nulmeting in 2016. In totaal is ongeveer 9% van de maatregelen uitgevoerd in 2016. Hier zit een onzekerheidmarge, omdat voor waterschap Vechtstromen niet exact bekend is welk deel van de in Overijssel gelegen maatregelen is uitgevoerd. Realisatiecijfers over 2017 worden voorjaar 2018 verwacht.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 60% | 70% | 80% | 90% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 63% | - | - | - | - |
Op basis van voortgangsrapportages Kaderrichtlijn Water (KRW) waarin voortgang in zes fasen wordt aangegeven: 1. % planvoorbereiding 2. % in uitvoering 3. % uitgevoerd 4. % gefaseerd (naar volgende planperiode doorgeschoven) 5. % vervangen 6. % ingetrokken. Voor deze indicator gaat het om 3. % uitgevoerd. Doelstelling is 100% uitgevoerd in 2021.
In totaal zijn er 214 afzonderlijke maatregelen. Tot en met 2016 zijn 134 maatregelen uitgevoerd.
De streefwaarden waren het gemiddelde van 100% gedeeld door 6 jaar, en daarmee 15% per jaar. Na het eerste jaar is duidelijk geworden dat veel –eenvoudige- maatregelen al erg snel gerealiseerd werden. Daardoor bereikt de realisatie in 2016 al een hoog percentage. De resterende maatregelen vergen meer voorbereiding en zijn complexer van aard. De verwachting is dat deze meer tijd vergen waardoor de voortgang in de streefwaarde per jaar lager uitvalt.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | ≥95% | ≥96% | ≥97% | ≥99% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 98% | 98% | - | - | - |
Zware overtredingen zijn overtredingen welke een groot effect hebben op de veiligheid, het milieu en/of de omgeving. Het gaat hierbij om de(mogelijke) gevolgen van bevindingen tijdens een eerste controle die in de Landelijke handhavingstrategie (vastgesteld door GS op 7 juli 2015) als “Van belang, Aanzienlijk, dreigend en/of onomkeerbaar” worden aangeduid. Voorbeelden van zware overtredingen zijn het infiltreren van thermisch verontreinigd water (te warm/te koud) of de aanwezigheid van legionella in het water.
Waarde voor 2017 heeft peildatum 1 juni 2017
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | ≥45% | ≥50% | ≥55% | ≥60% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 72% | 46% | - | - | - |
Het gaat hierbij om de controle op bepalingen voor grondwateronttrekkingen ten behoeve van drinkwatervoorziening, industrie en bodemenergie (koude/warmte opslag) (Waterwet), bepalingen voor veiligheid en hygiëne bij zwembaden en zwemplassen (Wvhbz) en regels m.b.t. risicovolle activiteiten in grondwaterbeschermingsgebieden (Omgevingsverordening). De indicator betreft het aantal bij eerste controles.
Waarde voor 2017 heeft peildatum 1 juni 2017
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | 20% in 2023 | 20% in 2023 | 20% in 2023 | - |
Realisatiewaarde | - | 6,4% | 8,2% | 8,6% | - | - | - | - |
Het aandeel hernieuwbare energie als percentage van het totale energiegebruik in Overijssel.
Tot en met de Begroting 2017 is dit cijfer opgenomen als kengetal. Conform het Statenvoorstel PS/2016/1064 wordt dit vanaf 2018 opgenomen als indicator. De realisatiecijfers zijn overgenomen uit de jaarrekening 2016 op basis van het voormalige kengetal ‘2.a Aandeel hernieuwbare energie (% van energieverbruik)’. Het programma Nieuwe Energie 2017-2023 heeft als hoofddoelstelling 20% duurzame energie in 2023. Dat is hier als streefwaarde overgenomen en om die reden is het een indicator.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | 130.000 in 2020 | 130.000 in 2020 | 130.000 in 2020 | - |
Realisatiewaarde | - | - | 89.000 | - | - | - | - | - |
Het aantal koopwoningen met minimaal label B.
Conform het Statenvoorstel PS/2016/1064 wordt deze indicator opgenomen. Deze vervangt indicator ‘2.1.a. Aantal woningen dat is verduurzaamd met provinciale ondersteuning (aantal, cumulatief)’. In de Overijsselse aanpak voor de woningbouw is opgenomen dat wordt gestreefd naar 45% label B woningen in 2020 en 65% in 2023. Dit is in deze indicator vertaald naar absolute aantallen. Het gaat hierbij om het aantal koopwoningen.
Bron: ECN
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | 62,3 PJ in 2023 | 62,3 PJ in 2023 | 62,3 PJ in 2023 | - |
Realisatiewaarde | - | - | 67,8 PJ | - | - | - | - | - |
Het energiegebruik bij huishoudens en bedrijven in Overijssel.
Conform het Statenvoorstel PS/2016/1064 is deze indicator opgenomen.
De streefwaarde is onderverdeeld naar 23,3 PJ door huishoudens en 39 PJ door bedrijven. Voor bedrijven is dit een vertaling van de ambitie om 2,5% besparing te realiseren gedurende de looptijd van Nieuwe Energie Overijssel.
Realisatiecijfer 2015 wijkt af van de eerder gepresenteerde realisatiecijfers als gevolg van een herijking van de berekening door ECN van het energiegebruik bij huishoudens en bedrijven.
Bron: Provincie Overijssel, Ministerie van I&M / Databank Klimaatmonitor en Jaarverslag Twence
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | 10.000 TJ in 2023 | 10.000 TJ in 2023 | 10.000 TJ in 2023 | - |
Realisatiewaarde | - | 5.200 TJ | 6.500 TJ | 6.500 TJ | - | - | - | - |
De hoeveelheid (hernieuwbare) energie uit biomassa die binnen de provinciegrenzen wordt opgewerkt in Terajoule (TJ)
Conform het Statenvoorstel PS/2016/1064 wordt deze indicator opgenomen. Meegenomen zijn elektriciteit en warmte uit biomassa. Biobrandstoffen zijn hierin niet meegenomen. De realisatiecijfers zijn overgenomen uit de jaarrekening 2016 op basis van het voormalige kengetal ‘2b. Hoeveelheid opgewekte hernieuwbare energie uit biomassa (PJ)’.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | 2.400 TJ in 2023 | 2.400 TJ in 2023 | 2.400 TJ in 2023 | - |
Realisatiewaarde | - | 500 TJ | 500 TJ | 500 TJ | - | - | - | - |
De hoeveelheid (hernieuwbare) energie uit de ondergrond (WKO en geothermie) en omgevingswarmte (warmtepompen) die binnen de provinciegrenzen wordt opgewekt in TerraJoule.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | 85,5 MW in 2020 | 1.400 TJ in 2023 | 85,5 MW in 2020 | 1.400 TJ in 2023 | 85,5 MW in 2020 | 1.400 TJ in 2023 | - |
Realisatiewaarde | - | 28 MW | 222 TJ | 42 MW | 408 TJ | 42 MW | 408 TJ | - | - | - | - |
De hoeveelheid geïnstalleerd vermogen wind in Megawatt en de hoeveelheid opgewekte energie uit wind in TerraJoule.
Conform het Statenvoorstel PS/2016/1064 wordt deze indicator opgenomen. De provincie heeft een taakstelling voor windenergie die is uitgedrukt in megawatt (MW), namelijk 85,5 MW in 2020. De realisatiecijfers zijn overgenomen uit de jaarrekening 2016, op basis van voormalige indicator ‘2.1.c Hoeveelheid vermogen van windturbines (MW en TJ)’ en voormalige kengetal ‘2.d. Hoeveelheid opgewekte hernieuwbare energie uit wind en water (PJ)’. Doelstelling is 85,5 MW in 2020 en 1.400 TJ in 2023.
Bron: Ministerie van I&M / Databank Klimaatmonitor en, Energie in beeld
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | 2.000 TJ in 2023 | 2.000 TJ in 2023 | 2.000 TJ in 2023 | - |
Realisatiewaarde | - | 400 TJ | 500 TJ | 600 TJ | - | - | - | - |
De hoeveelheid opgewekte energie uit zon in TerraJoule.
Conform het Statenvoorstel PS/2016/1064 wordt deze indicator opgenomen. De realisatiecijfers zijn overgenomen uit de jaarrekening 2016 op basis van het voormalige kengetal ‘2e. Hoeveelheid opgewekte hernieuwbare energie uit de zon (PJ’.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | ≥95% | ≥96% | ≥97% | ≥98% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 97% | 98% | - | - | - |
Zware overtredingen zijn overtredingen welke een groot effect hebben op het milieu, veiligheid en/of de omgeving. Het gaat hierbij om de(mogelijke) gevolgen van bevindingen tijdens een eerste controle die in de Landelijke handhavingsstrategie (vastgesteld door GS op 7 juli 2015) als “Van belang,Aanzienlijk, dreigend en/of onomkeerbaar” worden aangeduid. Voorbeelden van zware overtredingen zijn het niet conform regelgeving opslaan van gevaarlijke stoffen zodat er een verhoogd risico is voor de veiligheid van de omgeving, gevaarlijke afvalstoffen weg mengen met schone grond en illegale ontgrondingen.
Realisatiecijfer 2017 is de stand per 1 juni 2017.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | ≥45% | ≥50% | ≥55% | ≥60% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 81% | 75% | - | - | - |
Het gaat hierbij om de controle van bepalingen ten aanzien van milieu en veiligheid bij bedrijven (Wet algemene bepalingen omgevingsrecht), bodemsaneringen (Wet bodembescherming), vuurwerkevenementen (Wet milieubeheer), ontgrondingen (Ontgrondingenwet en Omgevingsverordening) en kleinere luchtvaartterreinen zoals helikopterlandingsplaatsen (Wet luchtvaart). De indicator betreft het aantal bij eerste controles.
Realisatiecijfer 2017 is de stand per 1 juni 2017.
130 overtredingen geconstateerd. Het betreft hier minder zware overtredingen, die worden opgepakt door afspraken te maken met de overtreder en deze schriftelijk vast te leggen. Voor de begroting 2018 zal nog kritisch worden gekeken naar de streefwaarden van de indicator.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 93% | 95% | 97% | 99% | - |
Realisatiewaarde | - | 91% | 93% | 93% | - | - | - | - |
Het betreft het cumulatieve percentage van de werkvoorraad.
Bij de meeste resterende spoedlocaties is de sanering in uitvoering.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 312 | 612 | 752 | 892 | - |
Realisatiewaarde | - | 54 | niet bekend | 164 | - | - | - | - |
Het betreft locaties waar de bodem is verontreinigd met asbest. Het aantal is cumulatief.
De totale opgave van verontreinigde locaties met asbest is nog niet bekend. De provincie Overijssel en de gemeente Hof van Twente zijn een nieuwe bodemsanering van asbest gestart in de woonwijk ’t Gijmink te Goor (Gijmink B). In 2016 en 2017 betreft dat in totaal ca. 500 locaties. Daarnaast worden andere locaties gesaneerd.
Er zijn minder locaties gesaneerd dan vooraf was ingeschat. De sanering van ’t Gijmink is later gestart dan gepland en door een veelheid aan overeenkomsten met bewoners (ca. 550 stuks) heeft dit aan het begin voor enige vertraging gezorgd. De sanering van de wijk verloopt nu voorspoedig.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 38,2 km | 42,1 km | 44,5 km | - | - |
Realisatiewaarde | - | 29,1 km | 29,1 km | 32,5 km | - | - | - | - |
Het betreft uitsluitend wegvakken van provinciale wegen. Het aantal kilometer is cumulatief.
In 2016 is alleen op de N34 bij Hardenberg over een afstand van 440 meter geluidsreducerend asfalt aangebracht. De overige wegvakken waar geluidsreducerend asfalt zou worden aangebracht zijn doorgeschoven naar 2017 en verder.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 300.000 m2 | 600.000 m2 | 800.000 m2 | - | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 160.189 m2 | - | - | - | - |
Het aantal vierkante meter gesaneeerde bedrijfsdaken met asbest in vierkante meters.
Het tempo van de sanering is afhankelijk van de mate waarin het bedrijfsleven zich inzet. De realisatiecijfers betreffen uitsluitend gesubsidieerde daken.
In 2016 zijn minder asbestdaken verwijderd dan verwacht. Uit onze ervaringen blijkt dat de uitgevoerde dakscans onvoldoende leiden tot de beslissing van een ondernemer zijn asbestdak te laten vervangen. Veel bedrijven voelen de urgentie om asbestdaken te verwijderen nog onvoldoende. In het Plan van Aanpak Asbestdaken houden we daar rekening mee, door de provinciale inzet anders te richten.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | ≥ 95% | ≥ 96% | ≥ 97% | ≥ 98% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 99% | 98% | - | - | - |
Zware overtredingen zijn overtredingen welke een groot effect hebben op het milieu en de omgeving. Het gaat hierbij om de(mogelijke) gevolgen van bevindingen tijdens een eerste controle die in de Landelijke handhavingsstrategie (vastgesteld door GS op 7 juli 2015) als “Van belang, Aanzienlijk, dreigend en/of onomkeerbaar” worden aangeduid. Voorbeelden van zware overtredingen zijn het opzettelijk niet in werking hebben van een luchtwasser, geen gebruik maken van een ontheffing Flora & faunawet waardoor extra schade kan ontstaan en het bewust omvormen van bos naar andere bestemmingen zonder te melden.
Realisatiecijfer 2017 is de stand per 1 juni 2017.
Bij 16 controles zijn zware overtredingen vastgesteld. Het betrof met name overtredingen met betrekking tot illegale kap van bomen en overtredingen van de Natuurbeschermingswet. Tegen de overtredingen is bestuursrechtelijk opgetreden.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | ≥ 45% | ≥ 50% | ≥ 55% | ≥ 60% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 72% | 82% | - | - | - |
Het gaat hierbij om de controle op bepalingen ter bescherming van het instandhouden van Natura 2000 gebieden en de beschermde natuurmonumenten (Natuurbeschermingswet), controle op bepalingen ter bescherming van het instandhouden van beschermde inheemse plant- en diersoorten (Flora- en faunawet) en de controle op meld- en herplantplicht bij het kappen van houtopstanden en op illegale houtkap (Boswet). De indicator betreft het aantal bij eerste controles.
Realisatiecijfer 2017 is de stand per 1 juni 2017. In het beleidsplan is geconstateerd dat de normstelling achteraf bezien ambitieuzer had gekund. Voor 2018 willen we echter vasthouden aan de eerder ingezette generieke progressieve normering. Er zijn nog geen meerjarige ervaringscijfers en in 2018 zal de uitvoeringsconstellatie ingrijpend veranderen door de start van de nieuwe omgevingsdiensten.
316 overtredingen geconstateerd. Het betreft hier minder zware overtredingen, die worden opgepakt door afspraken te maken met de overtreder en deze schriftelijk vast te leggen.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 44.000 ha | 46.000 ha | 46.000 ha | 46.000 ha | - |
Realisatiewaarde | - | 44.005 ha | 45.575 ha | 46.450 ha | - | - | - | - |
Oppervlakte natuurbeheer binnen en buiten het Natuurnetwerk Nederland in het kader van het Subsidiestelsel Natuur en Landschap.
Wij subsidiëren het beheer van 46.000 – 48.000 hectare natuur, afhankelijk van de subsidieaanvragen en contracten die worden voortgezet.
Afhankelijk van ontwikkelingen in de ontwikkelopgave kunnen er de komende jaren meer hectares onder beheer komen.
Deze indicator lijkt op 3.g Wettelijk BBV: Oppervlakte beheerde natuur in Overijssel binnen en buiten Natuurnetwerk Nederland (ha) dat als kengetal is opgenomen. Hier is 3.1.c. als indicator opgenomen omdat het de hectares betreft dit voortvloeien uit de provinciale subsidie SNL.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 3.200 ha | 3.200 ha | 4.000 ha | 4.000 ha | - |
Realisatiewaarde | - | 4.505 ha | 4.096 ha | 4.530 ha | - | - | - | - |
Oppervlakte agrarisch natuurbeheer in het kader van het Subsidiestelsel Natuur en Landschap.
Wij subsidiëren 3.200 – 4.800 hectare agrarisch natuurbeheer, afhankelijk van subsidieaanvragen en contracten die worden voortgezet.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 15 | 15 | 15 | - | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 12 | - | - | - | - |
Aantal vastgestelde Natura 2000-beheerplannen.
In 2016 zijn beheerplannen voor 12 Natura 2000-gebieden vastgesteld: Aamsveen, Witte Veen, Lonnekermeer, Boetelerveld, Landgoederen Oldenzaal, Dinkelland, Lemselermaten, Olde Maten & Veerslootslanden, Engbertsdijksvenen, de Borkeld, Sallandse Heuvelrug en Achter de Voort, Agelerbroek en Voltherbroek. Deze 12 beheerplannen zouden oorspronkelijk al in 2013-2015 worden vastgesteld. De 3 geplande beheerplannen in 2016 schuiven door naar 2017. Deze 3 beheerplannen zijn voor de gebieden (1) het Wierdense Veld, (2) Wieden en Weerribben en (3) Bergvennen en Brecklenkampse Veld.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 4 | 4 | - | - | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 0 | - | - | - | - |
Aantal aangepaste Natura 2000-beheerplannen.
Het gaat om de vier gebieden 'Achter de Voort, Agelerbroek en Voltherbroek', De Borkeld, Engbertsdijksvenen en Sallandse Heuvelrug. Dit betreft de beheerplannen die het Rijk heeft vastgesteld. Afhankelijk van lopende beroepszaken, worden de gebieden in 2017 of later aangepast.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 12 | 12 | 12 | - | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 18 | - | - | - | - |
Aantal maatschappelijke initiatieven voor verbetering van de relatie tussen economie & natuur en het vergroten van de betekenis van natuur voor mensen via een subsidie of bijdrage van de provincie Overijssel. Thema's zijn bijvoorbeeld 'Kinderen en natuur', 'Groen in de stad', 'Zorg en groen' en 'Werk en groen' maar ook bijdragen aan bijvoorbeeld Groene Lopers van Zwolle en de IJsseldelta en projecten van de prijsvraag Groen Groener Groenst.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 2 | 6 | 9 | 11 | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 0 | - | - | - | - |
Aantal wettelijke verkavelingsprojecten dat is afgerond. In totaal zijn 11 wettelijke herverkavelingsprojecten (deelgebieden) in uitvoering.
In totaal zijn 11 wettelijke herverkavelingsprojecten (deelgebieden) in uitvoering, waarvan voor 8 projecten de notariële akte gepasseerd is voor 2016. In 2016 is de akte gepasseerd van het deelgebied Lonnekerland in Enschede-noord. Er zijn nog 3 projecten waarvan de akte nog gepasseerd moet worden. De streefwaarde betreft het afronden van het landinrichtingsproject. Bij de 2 projecten waarvoor afronding in 2016 was voorzien is dit niet gelukt vanwege juridische procedures.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | 3 | 9 | - | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | - | 6 | - | - | - |
Het aantal agro en food innovatielabs dat door de provincie Overijssel is ondersteund.
Realisatiecijfer 2017 is de stand per 25 juli 2017.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | 3 | - | - | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | - | - | - | - | - |
Het aantal nieuwe agro en food innovatielabs dat door de provincie Overijssel is verkend.
Er worden 6 agro en food innovatielabs ondersteund. Deze zijn tot stand gekomen zonder te verkennen. Vandaar dat realisatiecijfers hier ontbreken. Vanaf 2018 worden geen nieuwe innovatielabs meer verkend.
Bron: KPVV/CROW
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | > 2,0% | > 2,0% | > 2,0% | > 2,0% | > 2,0% |
Realisatiewaarde | - | 3,3% | 2,6% | - | - | - | - | - |
Het aandeel van alle verplaatsingen door de Overijsselse bevolking afgelegd met het openbaar vervoer.
Cijfers van het CBS zijn beschikbaar rond juni/juli van het volgende jaar.
Bron: KpVV/CROW
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 7,3 | 7,3 | 7,3 | 7,3 | 7,3 |
Realisatiewaarde | - | 7,6 | 7,5 | 7,6 | - | - | - | - |
Verplicht cijfer in het kader van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Waardering van de Overijsselse bevolking van het openbaar vervoer (bus en trein) in West-Overijssel.
Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn provincies en gemeenten verplicht in de begroting en jaarverslag de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma's worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren en/of -kengetallen. Voor de provincies geldt deze verplichting vanaf de begroting 2018. De verplichte set cijfers is voor alle provincies te raadplegen op de website www.waarstaatjeprovincie.nl (op 7 juli 2017 geraadpleegd voor deze begroting).
De cijfers op de website waarstaatjeprovincie.nl zijn niet conform de genoemde bronnen. De cijfers die wij in de Begroting 2018 hebben opgenomen zijn overeenkomstig de rapportages van het KpVV/CROW.
Bron: CBS
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 43% | 43% | 44% | 45% | - |
Realisatiewaarde | - | 44% | 43% | - | - | - | - | - |
Aandeel fietsgebruik in verplaatsingen tot 7,5 km van de Overijsselse bevolking.
Cijfers van het CBS zijn beschikbaar rond juni/juli van het volgende jaar.
Bron: CBS
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 39% | 39% | 40% | 41% | - |
Realisatiewaarde | - | 40% | 39% | - | - | - | - | - |
Aandeel fietsgebruik in verplaatsingen tot 15 km van de Overijsselse bevolking.
Cijfers van het CBS zijn beschikbaar rond juni/juli van het volgende jaar.
Bron: CBS
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 0,76 | 0,76 | 0,77 | 0,79 | - |
Realisatiewaarde | - | 0,80 | 0,76 | - | - | - | - | - |
Aantal fietskilometers dat door de totale Overijsselse bevolking wordt afgelegd in verplaatsingen tot 7,5 km.
Cijfers van het CBS zijn beschikbaar rond juni/juli van het volgende jaar.
Bron: CBS
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 0,95 | 0,95 | 0,98 | 1,00 | - |
Realisatiewaarde | - | 0,99 | 0,95 | - | - | - | - | - |
Aantal fietskilometers dat door de totale Overijsselse bevolking wordt afgelegd in verplaatsingen tot 15 km.
Cijfers van het CBS zijn beschikbaar rond juni/juli van het volgende jaar.
Bron: CBS, Panteia
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 9.200 | 9.300 | 9.400 | 9.500 | - |
Realisatiewaarde | - | 12.060 | 12.568 | 14.074 | - | - | - | - |
De hoeveelheid ton goederen die jaarlijks over vaarwegen wordt vervoerd.
Cijfers zijn beschikbaar rond augustus/september van het volgende jaar. Realisatiecijfers zijn bij de begroting 2018 met terugwerkende kracht geactualiseerd vanwege een verbeterde rekenmethodiek.
Bron: CBS, Panteia
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | - | nnb | nnb | - |
Realisatiewaarde | - | 249 | 269 | 171 | - | - | - | - |
De hoeveelheid ton goederen die jaarlijks over het spoor wordt vervoerd.
Cijfers zijn beschikbaar rond augustus/september van het volgende jaar. We zijn met externe partijen in overleg hoe het Uitvoeringsprogramma Logistiek in streefwaarden vast te leggen. Realisatiecijfers zijn bij de begroting 2018 met terugwerkende kracht geactualiseerd vanwege een verbeterde rekenmethodiek.
Bron: CBS, Panteia
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | - | nnb | nnb | - |
Realisatiewaarde | - | 58.238 | 65.807 | 60.845 | - | - | - | - |
De hoeveelheid ton goederen die jaarlijks over wegen wordt vervoerd.
Cijfers zijn beschikbaar rond augustus/september van het volgende jaar. We zijn met externe partijen in overleg hoe het Uitvoeringsprogramma Logistiek in streefwaarden vast te leggen. Realisatiecijfers zijn bij de begroting 2018 met terugwerkende kracht geactualiseerd vanwege een verbeterde rekenmethodiek.
Bron: CBS, Ministerie van Infrastructuur en Milieu
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | ≤ 47 | ≤ 45 | ≤ 42 | ≤ 40 | - |
Realisatiewaarde | - | 52 | 41 | 59 | - | - | - | - |
Aantal dodelijke verkeersslachtoffers in Overijssel.
Cijfers van het CBS zijn beschikbaar rond mei van het volgende jaar.
Bron: Rijkswaterstaat / CBS
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | ≤ 26 | ≤ 26 | ≤ 26 | ≤ 25 | - |
Realisatiewaarde | - | 27 | 20 | 27 | - | - | - | - |
Aantal dodelijke verkeersslachtoffers onder inzittenden gemotoriseerd verkeer.
Cijfers van het CBS zijn beschikbaar rond mei van het volgende jaar.
Bron: Rijkswaterstaat/CBS
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | ≤ 16 | ≤ 14 | ≤ 13 | ≤ 11 | - |
Realisatiewaarde | - | 18 | 14 | 18 | - | - | - | - |
Aantal dodelijke verkeersslachtoffers onder verkeersdeelnemers niet gemotoriseerd verkeer.
Cijfers van het CBS zijn beschikbaar rond mei van het volgende jaar.
Bron: Rijkswaterstaat
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | ≤ 11 | ≤ 10 | ≤ 9 | ≤ 9 | - |
Realisatiewaarde | - | 16 | 9 | 11 | - | - | - | - |
Aantal dodelijke verkeersslachtoffers bij een verkeersongeval op een provinciale weg.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 95% | 95% | 95% | 95% | - |
Realisatiewaarde | - | 97% | 98% | 98 % | - | - | - | - |
Het percentage verhardingen (provinciale wegen) dat minimaal voldoet aan de basiskwaliteit volgens de CROW-richtlijnen.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 95% | 95% | 95% | 95% | - |
Realisatiewaarde | - | 95% | 98% | 95% | - | - | - | - |
Voor kunstwerken vast het percentage kunstwerken dat minimaal voldoet aan de basiskwaliteit (CROW) en voor kunstwerken beweegbaar het percentage dat voldoet aan de kwaliteitseisenmechanisch deel.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 95% | 95% | 95% | 95% | - |
Realisatiewaarde | - | 80% | 90% | 90% | - | - | - | - |
Het percentage oeverconstructies langs vaarwegen in beheer van de provincie Overijssel dat minimaal voldoet aan de basiskwaliteit.
Bron: CBS
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | > 0% | > 0% | > 0% | > 0% | - |
Realisatiewaarde | - | 0,7% | 0,9% | 0,4% | - | - | - | - |
Het aandeel van de werkzame beroepsbevolking in de bevolking (beroeps- en niet-beroepsbevolking).
We willen hier een positieve realisatiewaarde scoren. Een positief cijfer betekent dat wij meer arbeidsparticipatie hebben ten opzichte van Nederland en andersom. Cijfers van het CBS zijn beschikbaar rond juli van het volgende jaar.
Bron: Platform Betatechniek Monitor nationaal techniekpact 2020
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | MBO 34% | HBO 24% | WO 52% | MBO 35% | HBO 25% | WO 53% | MBO 36% | HBO 26% | WO 54% | - |
Realisatiewaarde | - | MBO 31% | HBO 22% | WO 55% | MBO 32% | HBO 24% | WO 58% | MBO 34% | HBO 24% | WO 52% | - | - | - | - |
Instroom van studenten in bètatechnische opleidingen in Overijssel.
Bron: Partijen in het innovatie-ecosysteem als Oost NV, Innovatieloketten, Innovatiecentra, toegekende subsidie EFRO. - cofinanciering EFRO (mkb samenwerkingsprojecten, mkb klein en mkb groot, proeftuinen) - innovatiefonds - TOP regeling Twente - Incubatorfonds - Redmedtechventures - Wadinko
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 30 | 30 | 30 | 20 | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 75 | - | - | - | - |
Innovatiekracht laat zich onder andere uitdrukken in het aantal business cases dat ontwikkeld wordt door het MKB.
Nulmeting in 2016. Definities: Business case: is een voorstel aan een organisatie om een investering te doen. Het ontwikkelen van een business case is dan ook in de eerste plaats het ontwikkelen van draagvlak voor een investeringsbesluit. Gecommitteerde investeerder: partijen die risicodragend investeren in de business case.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | 2 | 6 | 10 | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | - | nulmeting | - | - | - |
Het aantal launching customertrajecten waarvan tot een uitgewerkte businesscase is gekomen.
Door op te treden als launching customer creëert de overheid een begin van een afzetmarkt voor een nieuw product of een nieuwe dienst en vervult zij een voorbeeldfunctie voor andere partijen. Het stelt bedrijven in staat om een product of dienst aan te bieden en het spoort andere partijen aan het product of de dienst te kopen. Zonder launching customership bereiken sommige innovaties de markt niet en daarmee is er geen sprake van succesvolle innovatie. Het beleid loopt vanaf 2017 (nulmeting). We zetten in op 10 uitgewerkte businesscase in 2019.
Onder een uitgewerkte businesscase verstaan we een businesscase waaruit blijkt dat de oplossingsrichting: a) past bij het beleid en strategie van de provincie Overijssel (strategische fit); b) de meeste publieke waarde oplevert (toegevoegde waarde); c) kan worden gefinancierd (betaalbaarheid); d) voldoende overtuigingskracht heeft om de benodigde veranderingen bij gebruikers en stakeholders te bewerkstelligen (acceptatie) en e) aantrekkelijk is voor commerciële partijen om te ontwikkelen (marktpotentie).
Bron: PPM Oost, Wadinko
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | geen | geen | geen | geen | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 8.047.500 | - | - | - | - |
Totaal (uitgelokte) investeringen via Basisfonds Oost NL, Innovatiefonds Overijssel en Wadinko.
Nulmeting in 2016. Totale (uitgelokte)investeringen zijn: € 8.047.500 waarvan € 5.079.000 geïnvesteerd en € 2.968.500 uitgelokte investeringen. Voor deze indicator wordt geen streefwaarde gehanteerd. Dit zou kunnen leiden tot perverse prikkels.
Bron: CBS
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | 13% | 13% | 13% | - |
Realisatiewaarde | - | 11,5% | 11,7% | 11,6% | - | - | - | - |
Een bedrijfsvestiging die op jaarbasis voor minstens 5.000 euro importeert of voor minstens 5.000 euro exporteert.
Maatwerkonderzoek door het CBS. De streefwaarden zijn met de Begroting 2018 naar beneden bijgesteld in verband met een nieuwe definitie van handelaren door het CBS (toevoeging bedragen import en export van 5.000 euro).
Bron: NBTC-NIPO
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | > 0% | > 0% | > 0% | > 0% | - |
Realisatiewaarde | - | -4,8% | -6,8% | 9,4% | - | - | - | - |
Verschil in percentage jaarlijkse ontwikkeling van het aantal toeristische overnachtingen in Overijssel ten opzichte van Nederland.
Positief percentage geeft aan dat de ontwikkeling in het aantal overnachtingen in Overijssel hoger is dan de landelijke ontwikkeling, negatief cijfer vice versa.
De ontwikkeling van het aantal toeristische overnachtingen laat voor Overijssel volgens het ContinuVakantieOnderzoek een daling zien terwijl het landelijk een groei laat zien.
Bron: NBTC-NIPO
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | > 0% | > 0% | > 0% | > 0% | - |
Realisatiewaarde | - | 9,6% | -13,4% | 10,1% | - | - | - | - |
Verschil in percentage jaarlijkse ontwikkeling van het aantal bestedingen tijdens toeristische vakanties in Overijssel ten opzichte van Nederland.
Positief percentage geeft aan dat de ontwikkeling in de bestedingen in Overijssel hoger is dan de landelijke ontwikkeling, negatief cijfer vice versa.
De ontwikkelingen van bestedingen tijdens toeristische vakanties laten voor Overijssels volgens het ContinueVakantieOnderzoek een daling zien, terwijl landelijk een groei gerapporteerd wordt.
Bron: CBS
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | > 0% | > 0% | > 0% | > 0% | - |
Realisatiewaarde | - | 2,5% | 21,1% | 9% | - | - | - | - |
Verschil in percentage jaarlijkse ontwikkeling van het aantal buitenlandse gasten in Overijssel ten opzichte van Nederland.
Positief percentage geeft aan dat de ontwikkeling in aantal buitenlandse gasten in Overijssel hoger is dan de landelijke ontwikkeling, negatief cijfer vice versa.
Bron: Databank Erfgoedmonitor
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | afname | afname | afname | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | - | - | - | - | - |
Verplichte indicator vanuit het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Weergave van de slechte en matige staat (restauratie nodig). Het gaat hierbij om de staat van het casco van de geïnspecteerde rijksmonumenten bij de laatste inspectie. Alleen rijksmonumenten, niet zijnde woningen.
Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn provincies en gemeenten verplicht in de begroting en jaarverslag de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma's worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren en/of -kengetallen. Voor de provincies geldt deze verplichting vanaf de begroting 2018. De verplichte set cijfers is voor alle provincies te raadplegen op de website www.waarstaatjeprovincie.nl (op 7 juli 2017 geraadpleegd voor deze begroting).
Cijfers over rijksmonumenten (exclusief die met functie woning) naar staat van het casco zijn op moment van schrijven van begroting 2018 (op 7 juli 2017 geraadpleegd voor deze begroting) nog niet beschikbaar en worden in een later stadium aan de website waarstaatjeprovincie.nl toegevoegd.
Bron: Prestatieverantwoording Cultuureducatie met Kwaliteit Rijnbrink.
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | 57% | 70% | 70% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 47% | - | - | - | - |
Percentage scholen in Overijssel binnen kleine en middelgrote gemeenten in Overijssel dat is bereikt met het programma Cultuureducatie met Kwaliteit.
Het landelijke programma Cultuureducatie met Kwaliteit zet vanaf 2013 in op een stevige basis voor cultuureducatie in het basisonderwijs. Deelnemende scholen investeren in de kwaliteit van de activiteiten voor cultuureducatie en deskundigheidsbevordering van leerkrachten. De provincie stimuleert en ondersteunt deelname van scholen binnen de 21 kleine en middelgrote gemeenten in Overijssel. Scholen die in de periode 2013-2016 hebben meegedaan, hebben cultuureducatie opgenomen in hun curriculum en kunnen in de nieuwe periode meedoen aan een verankeringstraject.
Bron: Klanttevredenheidsonderzoek Rijnbrink
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | 100% | 100% | 100% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 100% | - | - | - | - |
Percentage bibliotheken in Overijssel dat deelneemt aan het provinciale netwerk van bibliotheken.
De provinciale ondersteuningsinstelling Rijnbrink ondersteunt het provinciale netwerk van bibliotheken. Bij goede ondersteuning is de deelname groot.
Bron: Klanttevredenheidsonderzoek Rijnbrink
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | 7 | 7 | 7 | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 7,3 | - | - | - | - |
De mate waarin bibliotheken tevreden zijn over de ondersteuning van het netwerk door de provinciale ondersteuningsinstelling Rijnbrink
Bron: Bestuurderspeiling Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | 50% | 60% | 70% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 31% | 38% | - | - | - |
Op basis van een jaarlijkse peiling onder bestuurders van gemeenten, provincie en waterschappen in Overijssel.
Bestuurderspeiling in januari van het betreffende jaar onder ruim 130 bestuurders van gemeenten, provincie en waterschappen in Overijssel.
Bijna vier op de tien Overijsselse bestuurders is begin 2017 tevreden over de wijze waarop de provincie Overijssel het interbestuurlijk toezicht uitvoert. 18% van de bestuurders is ontevreden, het overige deel heeft geen uitgesproken mening.
Bron: Bestuurderspeiling Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | >=64% | >=64% | >=64% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 64% | 41% | - | - | - |
Op basis van een jaarlijkse peiling onder bestuurders van gemeenten, provincie en waterschappen in Overijssel.
Bestuurderspeiling in januari van het betreffende jaar onder ruim 130 bestuurders van gemeenten, provincie en waterschappen in Overijssel.
Begin 2017 geeft 41% van de Overijsselse bestuurders aan dat het interbestuurlijk toezicht het afgelopen jaar heeft geleid tot aanpassingen in het beleid en/of aanpak binnen de organisatie.
Bron: Bestuurderspeiling Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | >=75% | >=75% | >=75% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 71% | 74% | - | - | - |
Op basis van een jaarlijkse peiling onder bestuurders van gemeenten, provincie en waterschappen in Overijssel.
Bestuurderspeiling in januari van het betreffende jaar onder ruim 130 bestuurders van gemeenten, provincie en waterschappen in Overijssel.
Begin 2017 is 74% van de Overijsselse bestuurders tevreden tot zeer tevreden over het werk van het Trendbureau Overijssel. Een enkeling is ontevreden en 24% heeft een neutraal beeld, deels door onbekendheid met de activiteiten van het Trendbureau Overijssel.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | - | 100% | 100% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | - | nulmeting in 2017 | - | - | - |
Het vertrouwen onder indirect en direct bij de experimenten betrokken personen (in- en extern) gedurende de periode van het experiment.
Deze kwantitatieve indicator past niet goed bij het karakter van het programma, waar geëxperimenteerd wordt met eigentijds bestuur en dus ook met nieuwe vormen van verantwoording. De kwalitatieve beoordeling van het programma vindt plaats binnen het Waarderend Onderzoek. Hierover informeren wij de Staten op meerdere momenten per jaar.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | - | - | - | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | - | nulmeting 2017 | - | - | - |
De toename in het begrip voor het functioneren van het openbaar bestuur onder deelnemers aan bijeenkomsten Overijssel Doet Mee!.
Nulmeting in 2017. Om die reden zijn realisatiecijfers en streefwaarden nog niet ingevuld.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | >=80% | >=80% | >=80% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 89% | - | - | - | - |
De indicator meet de toename in kennis en inzicht onder deelnemers aan provinciale bijeenkomsten als 'elimineer de burger'.
Metingen onder deelnemers aan 'Elimineer de burger'. Het aantal respondenten neemt gedurende het jaar toe. 89% van de in 2016 ondervraagde deelnemers geeft aan meer inzicht gekregen te hebben in de veranderende rollen overheid-samenleving.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | >40% | 100% | 100% | 100% | - |
Realisatiewaarde | - | 43% | 43% | 49% | 58% | - | - | - |
Het gaat hierbij uitsluitend om de Statenvoorstellen waar een onderbouwing mag worden verwacht. Het gaat om het onderbouwingspercentage en niet om het percentage relevante Statenvoorstellen.
Onderbouwing van Statenvoorstellen in de Provinciale Staten van de provincie Overijssel in 2017, peildatum 12 mei 2017.
In de begroting 2017 zijn de streefwaarden naar boven bijgesteld naar 100%. In de periode 1 januari 2017 tot en met 12 mei 2017 zijn er in totaal 18 Statenvoorstellen ingediend, waarvan bij 12 Statenvoorstellen een onderbouwing wordt verwacht. In die 12 gevallen wordt bij 7 aan de verwachting voldaan.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | >40% | >40% | >40% | >40% | - |
Realisatiewaarde | - | 22,6% | 24,7% | 20,5% | 12,8% | - | - | - |
Percentage van de bezwaarprocedures waarin het bezwaarschrift wordt ingetrokken.
Realisatiecijfer 2017 is de stand per 1 juni 2017. Met de methode Overijssel probeert Overijssel in bezwaarprocedures de angel uit een geschil te halen door open te communiceren met bezwaarmakers en indien mogelijk gericht te zoeken naar oplossingen. Dat kan betekenen dat een gesprek wordt gevoerd waarin het (negatieve besluit) nog eens wordt toegelicht of dat wordt gezocht naar alternatieven. Daarmee wordt een formele (kostbare) juridische procedure voorkomen. Idealiter gebeurt dat overigens ook al in de fase van primaire besluitvorming. Het succesvol toepassen van de methode resulteert meestal in het intrekken van het bezwaarschrift. Het percentage intrekkingen is daarom een goede indicator voor het succesvol toepassen van de methode Overijssel dat wil zeggen voor de mate waarin het lukt om in de bezwarenfase een oplossing te bieden aan bezwaarmakers.
De afwijking ten opzichte van de streefwaarde komt, zowel in 2014, 2015, 2016 als 2017 door vertekening als gevolg van het grote aantal bezwaarschriften tegen een NB-wetvergunning, die vrijwel zonder uitzondering via een formele procedure zijn afgedaan.
Bron: Bestuurderspeiling Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | 60% | 65% | 70% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 53% | 63% | - | - | - |
Op basis van een jaarlijkse peiling onder bestuurders van gemeenten, provincie en waterschappen in Overijssel
Bestuurderspeiling in januari van het betreffende jaar onder ruim 130 bestuurders van gemeenten, provincie en waterschappen in Overijssel.
In vergelijking met de nulmeting in 2016 is het aandeel Overijsselse bestuurders dat tevreden is over de samenwerking met de provincie aanzienlijk toegenomen tot 63%. Ten tijde van de nulmeting vonden veel bestuurders het nog te vroeg om de samenwerking te beoordelen en antwoordden neutraal.
Bron: Bestuurderspeiling Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | - | >=66% | >=66% | >=66% | - |
Realisatiewaarde | - | - | - | 66% | 65% | - | - | - |
Op basis van een jaarlijkse peiling onder bestuurders van gemeenten, provincie en waterschappen in Overijssel
Bestuurderspeiling in januari van het betreffende jaar onder ruim 130 bestuurders van gemeenten, provincie en waterschappen in Overijssel.
Twee derde van de Overijsselse bestuurders is tevreden met de kwaliteit van het provinciebestuur.
Bron: Jaarverslag Ontwikkelopgave EHS/N2000
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 40% | 65% | 70% | 75% | - |
Realisatiewaarde | - | 25% | 57% | 63% | - | - | - | - |
Interne maatregelen zijn maatregelen die geheel binnen bestaande natuur liggen. De gronden waarop deze moeten worden gerealiseerd zijn vaak eigendom van Terreinbeherende Organisaties. Zij werken met volle inzet mee aan de uitvoering en daarom kunnen deze maatregelen op korte termijn al worden uitgevoerd. Percentages zijn cumulatief. Doelstelling is 100% in 2021.
De voortgangspercentages voor de externe en interne maatregelen worden berekend uit een procesvoortgang waarbij 0% staat voor ‘geen actie’, 50% staat voor “grond beschikbaar” en 100% staat voor ‘perceel ingericht/gerealiseerd’. We constateren dat wijzigingen in achterliggende geografische informatiesystemen een vertekend beeld opleveren van de voortgang. We werken voor de volgende begroting aan een verbetering van de indicatoren.
Voor 2016 was een groter deel van de grond al in bezit van de TBO’s dan was verwacht. Ook is de realisatie van interne maatregelen in o.a. Oldematen meegenomen in 2016. Dit betreft relatief veel ha’s.
Bron: Jaarverslag Ontwikkelopgave EHS / N2000
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 30% | 30% | 40% | 50% | - |
Realisatiewaarde | - | 15% | 13% | 11% | - | - | - | - |
Externe maatregelen zijn alle maatregelen die niet intern zijn. De gronden waarop deze maatregelen moeten worden gerealiseerd zijn vaak eigendom van agrarische ondernemers en andere particulieren. Dit maakt het realiseren van de maatregelen complexer en tijdrovender. Grond moet eerst beschikbaar komen voordat maatregelen kunnen worden gerealiseerd. Percentages zijn cumulatief en betreffen de maatregelen voor de eerste termijn (2015-2021). Doelstelling is 100% in 2021.
De voortgangspercentages voor de externe en interne maatregelen worden berekend uit een procesvoortgang waarbij 0% staat voor ‘geen actie’, 50% staat voor “grond beschikbaar” en 100% staat voor ‘perceel ingericht/gerealiseerd’. De percentages die genoemd staan bij Realisatiewaarde doen voorkomen dat er geen voortgang, en zelfs achteruitgang is. Dit beeld klopt niet, omdat er wel degelijk voortgang wordt geboekt bij de planvorming van de maatregelen. We constateren dat wijzigingen in achterliggende geografische informatiesystemen een vertekend beeld opleveren van de voortgang. We werken voor de volgende begroting aan een verbetering van de indicatoren.
In vrijwel alle gebieden van de Ontwikkelopgave Natura2000 is de planuitwerking gestart. Afronding van de inrichtingsplannen gebeurt voor het merendeel in 2018. Het beschikbaar krijgen van de gronden ten behoeve van de uitvoering is op gang gekomen. Met 11% blijft de voortgang achter ten opzichte van de prognose, onder andere doordat de planvorming vertraging oploopt. Vooralsnog kan niet worden geconcludeerd dat daarmee het programma achterloopt. Momenteel zijn er geen signalen dat het beschikbaar krijgen van gronden voor de uitvoering op onoverkomelijke problemen stuit.
Bron: Jaarverslag Ontwikkelopgave EHS/N2000
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 50 ha | 80 ha | 100 ha | 200 ha | - |
Realisatiewaarde | - | 0 ha | 0 ha | 2 ha | - | - | - | - |
De realisatie van de verbetervoorstellen gebeurt op vrijwillige basis, voornamelijk door partnerorganisaties. In totaal wordt circa 500 ha nog ingericht ten behoeve van de EHS. Deels gebeurt dit in opdracht aan partijen, deels door middel van openstelling voor SKNL-subsidie.
De realisatieperiode is in de Omgevingsvisie verlengd tot 2027, in lijn met de afronding van de EHS in het Natuurpact. Voor de Ontwikkelopgave hanteren wij het einde van de eerste PAS-periode (2021) als richtsnoer. In 2017 is Deldenerbroek in realisatie gegaan. De afronding wordt voor 80% van de totale oppervlakte voorzien voor 2021, de rest zal voor 2027 gereed zijn.
Twee van de negen voorstellen zijn afgerond. Het gaat hier om kleine gebieden, waardoor de voortgang in ha gemeten achterblijft.
Bron: Klanttevredenheidsonderzoeken organisaties en monitoringgegevens provincie.
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | >7 | >7 | >7 | >7 | - |
Realisatiewaarde | - | 7,3 | 7,3 | 7,7 | - | - | - | - |
Gemiddeld rapportcijfer van de deelnemers aan het netwerk Overijsselse kennisinfrastructuur Sociale Kwaliteit over de prestaties van deze organisaties.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | <30 dagen | <30 dagen | <30 dagen | <30 dagen | - |
Realisatiewaarde | - | 19,7 | 18,7 | 18,9 | 11,1 | - | - | - |
Aan de provincie gerichte facturen worden binnen 30 dagen betaald (gemiddeld)
Realisatiecijfer 2017 is de stand per 1 juni 2017.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | <25% | <25% | <25% | <25% | - |
Realisatiewaarde | - | 26,5% | 36% | 26,2% | - | - | - | - |
Rechterlijke uitspraken geven een indicatie van de juridische kwaliteit van de besluiten die worden genomen door of namens provinciale bestuursorganen.
Stand van zaken per 31 december (jaarcijfer). Of iemand beroep instelt is van veel factoren afhankelijk. Niettemin is het goed om trends in aantallen en inhoud van uitspraken te monitoren. Een stijging van het aantal uitspraken kan een aanwijzing zijn dat er meer moet worden geïnvesteerd in de kwaliteit van procedures en in relatie van de provincie met haar stakeholders. Een stijging van het aantal gegronde beroepen duidt op juridische onvolkomenheden. Het streefpercentage lijkt op het eerste gezicht weinig ambitieus: in meer dan driekwart van de zaken is het beroep ongegrond. Bedacht moet worden dat er door de complexiteit van veel besluiten relatief snel kleine juridische onvolkomenheden in een besluit zitten.
Het aantal uitspraken in bodemzaken is vorig jaar aanzienlijk gedaald; 42 in 2016 tegenover 191 in 2015. In 11 gevallen werd het beroep gegrond verklaard. 9 uitspraken daarvan hadden betrekking op besluiten op grond van de natuurbeschermingswet. 2 gegronde beroepen betroffen een milieuhandhavingskwestie.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | |
---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Streefwaarde | - | - | - | 7 | 10 | 13 | 15 | - |
Realisatiewaarde | - | - | 4 | 7,2 | - | - | - | - |
Aantal nieuwe medewerkers in het kader van de Participatiewet.
Stand van zaken per 31 december (jaarcijfer). In het kader van de Participatiewet hebben ook de provincies gezamenlijk een wettelijke plicht om voor 2023 een vastgesteld aantal mensen met afstand tot de arbeidsmarkt in dienst te nemen. Voor de provincie Overijssel bedraagt het aandeel in 2023 uiteindelijk 25 medewerkers. De wet is per 1 januari 2015 van kracht gegaan.
De provincie voldoet aan de opgaven door detachering van medewerkers (de meesten via de WEZO) bij de provincie. Samen vullen ze 7,2 fte in (gerekend in garantiebanen van 25,5 uur).
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 81% | 79% | 79% | 80% |
Met stedelijke netwerken worden bedoeld de gemeenten Almelo, Borne, Deventer, Enschede, Hengelo, Kampen en Zwolle.
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar.
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 89% | 90% | 87% | 89% |
Met landelijk gebied wordt bedoeld de gemeenten Dalfsen, Dinkelland, Haaksbergen, Hardenberg, Hellendoorn, Hof van Twente, Losser, Olst-Wijhe, Ommen, Raalte, Rijssen-Holten, Staphorst, Steenwijkerland, Tubbergen, Twenterand, Wierden en Zwartewaterland.
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar.
Bron: Locatus
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 10,8% | 12,1% | 11,8% | 11,6% |
Het gaat hier om leegstaande verkooppunten in de centrale winkelgebieden in Overijssel per januari van het betreffende jaar. Het gaat hierbij om grote (200-400 winkels) en kleine (100-200 winkels) centrale hoofdwinkelgebieden, grote (50-100 winkels) en kleine (5-50 winkels) kernverzorgende centra.
Het provinciaal beleid heeft weinig directe invloed op de leegstandspercentages. Gegevens beschikbaar per januari van het lopende jaar.
De leegstand in centrale winkelgebieden in Overijssel is een fractie afgenomen. De leegstand ligt nog steeds 0,9 procentpunten boven het landelijke gemiddelde. Dit verschil is in de afgelopen jaren afgenomen en is nu de laagste in de afgelopen 5 jaar. De leegstand verschilt sterk per winkelgebied. Van de grotere hoofdwinkelgebieden is de winkelleegstand per 1 januari 2017 het laagst in Rijssen, Kampen en Zwolle (minder dan 10%) en het hoogst in Almelo, Oldenzaal en Nijverdal (meer dan 19%).
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | - | - | 71% | 67% |
Het totaal van inwoners van Overijssel dat zeer tevreden of tevreden is met de inrichting en waterkwaliteit van oppervlaktewater in de eigen woonomgeving.
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar. Nulmeting in 2016.
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 75% | 75% | 77% | 74% |
Het percentage inwoners van Overijssel dat zich geen zorgen maakt over wateroverlast bijvoorbeeld vanwege extreme regenval of overstroming van een rivier.
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar.
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | - | - | 70% | 67% |
Het percentage inwoners van Overijssel dat zich geen zorgen maakt over hittestress en droogte in de eigen woonomgeving als gevolg van klimaatverandering.
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar. Nulmeting in 2016.
Bron: Waterschappen
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 57% | 51% | 51% | - |
Primaire keringen zijn de wat grotere dijken met in Overijssel een lengte van 247 kilometer. Ze liggen langs de grotere rivieren en meren in Overijssel zoals de IJssel, de benedenloop van de Vecht, het Zwarte Meer en het Ketelmeer en beschermen tegen buitenwater.
Realisatiecijfers zijn op basis van de tweede bestuursrapportage van waterschappen en worden verwerkt in de jaarlijkse voortgangsrapportages van waterschappen aan de provincie Overijssel. Cijfers over 2017 zijn juli 2018 beschikbaar bij de voortgangsrapportages over het jaar 2017.
Het cijfer van 2016 (meest recent) is het cijfer op basis van de tweede bestuursrapportage 2016 van de waterschappen. De rol van de provincie bij primaire keringen is beperkt tot het goedkeuren van projectplannen van verbeterwerken. De primaire keringen die niet voldoen (aan de oude norm) liggen langs IJssel, Zwarte Water en Vecht en zijn opgenomen in het landelijke hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP). Bij de uitvoering van circa vijftien projecten wordt gewerkt met een prioritering op basis van ondermeer de urgentie maar ook meekoppelkansen. De Deltabeslissing Waterveiligheid heeft geleid tot nieuwe normen en deze zijn per januari 2017 vastgelegd in de Waterwet. De keringen worden opnieuw getoetst aan de nieuwe normen en dat zal leiden tot een ander percentage (lager) dat voldoet aan de geldende normen. In 2050 moeten alle keringen voldoen aan de nieuwe norm (100%).
Bron: Vitaliteitsbenchmark Centrumgebieden, Goudappel Coffeng BV
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | - | 3 | - | 4 |
In de landelijke benchmark zijn negen Overijsselse centrumgebieden opgenomen, te weten: Almelo, Deventer, Enschede, Hardenberg, Hengelo, Kampen, Oldenzaal, Steenwijk en Zwolle.
Tweejaarlijkse meting (nulmeting in 2015). Eerstvolgende meting is in het voorjaar van 2019.
De Vitaliteitsbenchmark Centrumgebieden brengt voor 100 centrumgebieden in Nederland de economische vitaliteit in beeld. Deze vitaliteit wordt gebaseerd op 20 bestaande databronnen in vier categorieën: demografie, bereikbaarheid, voorzieningenaanbod en ruimtelijke kwaliteit. De top 40 van deze centrumgebieden krijgt in 2017 de kleurscore groen (vitaal).
Dit kengetal komt met de begroting 2018 in plaats van kengetal 1.e Gemiddelde positie (1-50) van de vijf Overijsselse grote steden (Almelo, Hengelo, Enschede, Deventer en Zwolle) op de landelijke woonaantrekkelijkheidsindex (index).
In 2017 krijgen de centrumgebieden van Deventer, Enschede, Kampen en Zwolle een groene vitaliteitsscore. Zwolle heeft binnen Overijssel het meest vitale centrumgebied (plek 8 op de landelijke ranglijst).
Bron: Informatiehuis Water en provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | - | 1,1% | - | - |
Verplicht cijfer in het kader van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De ecologische toestand van oppervlaktewateren is beoordeeld volgens de beoordelingsmethode van de Europese Kaderrichtlijn Water. De cijfers geven het percentage oppervlaktewateren in Overijssel weer dat de beoordeling 'goed' heeft gekregen.
Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn provincies en gemeenten verplicht in de begroting en jaarverslag de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma's worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren en/of -kengetallen. Voor de provincies geldt deze verplichting vanaf de begroting 2018. De verplichte set cijfers is voor alle provincies te raadplegen op de website www.waarstaatjeprovincie.nl (op 7 juli 2017 geraadpleegd voor deze begroting).
Driejaarlijkse meting: eerstvolgende in 2018. Op waarstaatjeprovincie.nl staan cijfers per waterbeheerder. Wij wijken hier vanaf door voor Overijssel een gewogen gemiddelde van de drie waterbeheerders (Drents Overijsselse Delta, Vechtstromen en Rijn en IJssel) te presenteren voor uitsluitend de 88 waterlichamen die in Overijssel liggen.
Het realisatiecijfer voor 2015 is het meest recent. Voor een aantal parameters is de meetronde 3 jaar, waardoor een zinvolle update van de realisatiecijfers pas in 2018 mogelijk zal zijn. De achterliggende cijfers voor wat betreft de ecologische toestand van de waterlichamen uit Overijssel zijn (aantal waterlichamen):
2015: goed (1), matig (41), ontoereikend (36) en slecht (10)
2009: goed (0), matig (46). ontoereikend (34) en slecht (8)
Bron: ECN, Energie in Beeld, CBS, Emissieregistratie.
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 99,0 PJ | 95,8 PJ | 93,0 PJ | - |
Het finale energieverbruik van Overijssel in PetaJoule (PJ)
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 7,3 | 7,3 | 7,4 | 7,5 |
Gemiddeld rapportcijfer van inwoners van Overijssel voor het milieu in de eigen woonomgeving in zijn totaliteit waarbij 1 staat voor zeer slecht en 10 staat voor uitmuntend.
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar.
Bron: Klimaatmonitor Rijkswaterstaat
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 7.556.025 ton | 7.847.151 ton | - | - |
Verplicht cijfer in het kader van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Totale uitstoot van broeikasgassen in CO2-equivalenten. Dit is een rekeneenheid om de uitstoot van broeikasgassen onderling te kunnen vergelijken.
Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn provincies en gemeenten verplicht in de begroting en jaarverslag de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma's worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren en/of -kengetallen. Voor de provincies geldt deze verplichting vanaf de begroting 2018. De verplichte set cijfers is voor alle provincies te raadplegen op de website www.waarstaatjeprovincie.nl (op 7 juli 2017 geraadpleegd voor deze begroting).
Dit BBV-cijfer geeft geen volledig beeld van de totale uitstoot van broeikasgassen. Alleen de energie gerelateerde CO2-uitstoot is meegerekend. Overige CO2-uitstoot (bijvoorbeeld oxidatie van veenweides) of niet-CO2-broeikasgassen (zoals methaan) zijn niet meegerekend.
Dit BBV-cijfer wijkt af van het cijfer uit het ECN onderzoek van 2016, dat destijds als bijlage bij het investeringsvoorstel Nieuwe Energie Overijssel is gevoegd (PS/2016/1064). ECN geeft aan dat dit onder andere komt doordat zij nauwkeuriger (meer bottom up) hebben berekend.
Bron: Klimaatmonitor Rijkswaterstaat
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 8,2 PJ | 7,4 PJ | - | - |
Verplicht cijfer in het kader van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Totale productie van duurzame electriciteit, duurzame warmte en duurzame energie voor vervoer in Overijssel.
Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn provincies en gemeenten verplicht in de begroting en jaarverslag de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma's worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren en/of -kengetallen. Voor de provincies geldt deze verplichting vanaf de begroting 2018. De verplichte set cijfers is voor alle provincies te raadplegen op de website www.waarstaatjeprovincie.nl (op 7 juli 2017 geraadpleegd voor deze begroting).
De Overijsselse productie van hernieuwbare energie wordt tot nu toe op basis van eigen indicatoren inzichtelijk gemaakt, waarbij productie uit bio-energie is gebaseerd op feitelijke kennis van aanwezige installaties . Daarmee wordt een veel duidelijkere relatie gelegd met de activiteiten en te bereiken doelstelling uit het provinciale beleid, dan op basis van dit verplichte BBV-cijfer mogelijk is. Dit cijfer is gebaseerd op de verplichte te gebruiken bron: Klimaatmonitor, die een andere methodiek hanteert. De Klimaatmonitor verdeelt landelijke cijfers naar rato van het opgestelde vermogen per provincie.
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 7,7 | 7,7 | 7,7 | 7,7 |
Gemiddeld rapportcijfer van inwoners van Overijssel voor hoe tevreden men is over de leefomgeving van het landelijk gebied waar bij 1 staat voor zeer slecht en 10 voor uitmuntend.
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar.
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 7,6 | 7,6 | 7,6 | 7,8 |
Gemiddeld rapportcijfer van inwoners van Overijssel voor hoe tevreden men is over het landschap waarbij 1 staat voor zeer slecht en 10 voor uitmuntend.
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar.
Bron: CBS, provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 102 | 98 | nnb | - |
Op termijn wordt het kengetal vervangen door een kengetal uit de landelijke voortgangsrapportage Natuur, waarin men vanaf 2017 ook over de voortgang natuurkwaliteit gaat rapporteren.
Gegevens over 2016 komen medio 2017 beschikbaar. De score van individuele jaren kan fluctueren als gevolg van externe (weers)omstandigheden. Een grafiek met de trend over de afgelopen 15 jaar is opgenomen in de begroting.
Bron: CBS, provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 88 | 91 | nnb | - |
Op termijn wordt het kengetal wellicht vervangen door een kengetal uit de landelijke voortgangsrapportage Natuur.
Gegevens over 2016 komen medio 2017 beschikbaar. De score van individuele jaren kan fluctueren als gevolg van externe (weers)omstandigheden. Een grafiek met de trend over de afgelopen 15 jaar is opgenomen in de begroting.
Bron: Voortgangsrapportage Natuur en Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 114 (107) | 265 (270) | nnb (138) | - |
Verplicht cijfer in het kader van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Het gaat om hectares nieuwe natuur (= verwerving en functiewijziging) binnen het Natuurnetwerk Nederland (NNN) (exclusief rijkswateren), conform de gehanteerde definities binnen de Voortgangs Rapportage Natuur.
Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn provincies en gemeenten verplicht in de begroting en jaarverslag de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma's worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren en/of -kengetallen. Voor de provincies geldt deze verplichting vanaf de begroting 2018. De verplichte set cijfers is voor alle provincies te raadplegen op de website www.waarstaatjeprovincie.nl (op 7 juli 2017 geraadpleegd voor deze begroting).
De realisatiecijfers van Overijssel in de begroting 2018 (de getallen tussen haakjes) wijken voor de jaren vanaf 2014 af van de website waarstaatjeprovincie.nl. Dit komt door recente landelijke afspraken over te gebruiken definities. De cijfers van Overijssel zijn conform deze recente definities en actueler.
Bron: Voortgangsrapportage Natuur en Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 1.891 (1.342) | 260 (262) | nnb (296) | - |
Verplicht cijfer in het kader van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Het gaat om ontwikkeling van ingerichte natuur binnen het Natuurnetwerk Nederland (NNN) (exclusief rijkswateren), conform de gehanteerde definities binnen de Voortgangs Rapportage Natuur.
Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn provincies en gemeenten verplicht in de begroting en jaarverslag de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma's worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren en/of -kengetallen. Voor de provincies geldt deze verplichting vanaf de begroting 2018. De verplichte set cijfers is voor alle provincies te raadplegen op de website www.waarstaatjeprovincie.nl (op 7 juli 2017 geraadpleegd voor deze begroting).
De realisatiecijfers van Overijssel in de begroting 2018 (de getallen tussen haakjes) wijken voor de jaren vanaf 2014 af van de website waarstaatjeprovincie.nl. Dit komt door recente landelijke afspraken over te gebruiken definities. De cijfers van Overijssel zijn conform deze recente definities en actueler.
Bron: Voortgangsrapportage Natuur en Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 57.460 (44.005) | 57.188 (45.575) | nnb (46.450) | - |
Verplicht cijfer in het kader van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Het betreft het oppervlakte grondgebied dat in beheer is als natuurgebied met en zonder contract binnen het Natuurnetwerk Nederland. Bij beheer met contract is er een beheercontract vallend onder het Subsidiestelsel Natuur en Lanschap (SNL) of een voorloper van SNL. Bij natuurbeheer zonder contract betreft het onder meer gebieden vallend onder de Natuurschoonwet (NSW), waterleidingsmaatschappijen, defensie, Rijkswaterstaat en gemeenten.
Het getal tussen haakjes betreft het areaal natuurbeheer in het kader van Subsidie Natuur en Landschap binnen en buiten het Natuurnetwerk Nederland (NNN), exclusief rijkswateren. Aanvullend zijn er in Overijssel ook natuurgebieden waar geen subsidie in het kader van SNL wordt verleend, maar die wel worden beheerd (deze zijn niet meegenomen). Een voorbeeld hiervan is landgoed Twickel (1700 ha).
Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn provincies en gemeenten verplicht in de begroting en jaarverslag de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma's worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren en/of -kengetallen. Voor de provincies geldt deze verplichting vanaf de begroting 2018. De verplichte set cijfers is voor alle provincies te raadplegen op de website www.waarstaatjeprovincie.nl (op 7 juli 2017 geraadpleegd voor deze begroting).
De realisatiecijfers van Overijssel in de begroting 2018 (de getallen tussen haakjes) wijken voor de jaren vanaf 2014 af van de website waarstaatjeprovincie.nl. Dit komt doordat Overijssel alleen kijkt naar gesubsidieerde natuur in het kader van SNL binnen EN buiten het NNN, waarbij op de website waarstaatjeprovincie.nl wordt gekeken naar de beheerde natuur (met en zonder subsidiecontract) uitsluitend binnen het NNN.
Bron: CBS (MON/OViN)
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 14,0 | 12,9 | - | - |
Totaal aantal verplaatsingen van inwoners van Overijssel.
Op basis van landelijk steekproefonderzoek wordt jaarlijks de ontwikkeling van het totaal aantal verplaatsingen van inwoners in Overijssel gemeten. Cijfers van het CBS zijn beschikbaar rond juli van het volgende jaar.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 1,547 | 1,574 | 1,618 | - |
Afgelegde afstand van voertuigen op de provinciale wegen in Overijssel.
Met behulp van meetpunten op de provinciale wegen wordt het aantal voertuigen op de provinciale wegen continu gemeten, op basis van deze cijfers wordt de ontwikkeling in de tijd vastgesteld. Cijfers zijn beschikbaar rond februari van het volgende jaar.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - |
De intensiteit/capaciteitverhouding geeft aan waar zich knelpunten voordoen in de avondspits in 2030. IC-waarden boven de 0,8 zitten in de gevarenzone voor files en waarden boven de 0,85 zijn knelpunten.
Dit kengetal wordt uitgedrukt in een kaart. Zie bijbehorende afbeelding.
Bron: CBS
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 0% | 0,3% | 0,4% | - |
Economische groei van Overijssel (volumemutaties bruto binnenlands product / BBP) ten opzichte van de groei in Nederland, ten opzichte van het jaar daarvoor.
Positief percentage geeft aan dat de economische groei in Overijssel hoger is dan de landelijke economische groei, negatief cijfer vice versa.
Bron: Bedrijven- en Instellingenregister Overijssel (BIRO)
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 0,26% | 0,57% | -0,3% | - |
Totale werkgelegenheidsontwikkeling van Overijssel (aantal arbeidsplaatsen) ten opzichte van de ontwikkeling van arbeidsplaatsen in Nederland, ten opzichte van het jaar daarvoor.
Werkgelegenheidsontwikkeling uitgesplitst naar sectoren of de topsectoren als geheel worden inzichtelijk gemaakt in de economische barometer. Positief percentage geeft aan dat de werkgelegenheidsontwikkeling in Overijssel hoger is dan de landelijke ontwikkeling, negatief cijfer vice versa.
Bron: CBS
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | -0,3% | -0,2% | 0,3% | - |
Verschil tussen het werkloosheidspercentage van Overijssel ten opzichte van het werkloosheidspercentage in Nederland per jaar.
Positief percentage geeft aan het werkloosheidscijfers in Overijssel hoger is dan de landelijke werkloosheid, negatief cijfer vice versa.
Bron: CBS
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | -2,8% | 14,7% | 1,2% | - |
De ontwikkeling van de export van Overijsselse bedrijven ten opzichte van de ontwikkeling van export in Nederland, ten opzichte van het jaar daarvoor.
Het laat zien hoe Overijssel zich verhoudt tot andere provincies.
Bron: Continue Vakantieonderzoek
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 8,8% | 8,9% | 8,9% | - |
Het marktaandeel van Overijssel op de binnenlandse vakantiemarkt ten opzichte van de andere provincies.
Het laat zien hoe Overijssel zich verhoudt tot andere provincies.
Bron: CBS
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 1,4% | 2,3%* | 2,6%* | - |
Verplicht cijfer in het kader van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Volumegroei van het bruto binnenlands product (bbp). Het bruto binnenlands product (bbp) is een maat voor de omvang van de economie. De verandering van het volume van het bbp in een bepaalde tijdsperiode is een maat voor de groei (of krimp) van de economie.
Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn provincies en gemeenten verplicht in de begroting en jaarverslag de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma's worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren en/of -kengetallen. Voor de provincies geldt deze verplichting vanaf de begroting 2018. De verplichte set cijfers is voor alle provincies te raadplegen op de website www.waarstaatjeprovincie.nl (op 7 juli 2017 geraadpleegd voor deze begroting). Op deze website staan alleen cijfers tot en met 2015. We hebben in onze begroting ook het meest recente (voorlopige) cijfer over 2016 opgenomen.
Cijfers over 2015 en 2016 zijn voorlopige cijfers (aangegeven met *).
Bron: CBS
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 70,6% | 71,2% | 70,6% | - |
Verplicht cijfer in het kader van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Het gaat om het aandeel van de (werkzame en werkloze) beroepsbevolking in de totale bevolking van 15-75 jaar.
Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn provincies en gemeenten verplicht in de begroting en jaarverslag de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma's worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren en/of -kengetallen. Voor de provincies geldt deze verplichting vanaf de begroting 2018. De verplichte set cijfers is voor alle provincies te raadplegen op de website www.waarstaatjeprovincie.nl (op 7 juli 2017 geraadpleegd voor deze begroting). De bruto arbeidsparticipatie is in 2016 een fractie hoger dan het landelijke gemiddelde van 70,0%.
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 7,4 | 7,3 | 7,4 | - |
Gemiddeld rapportcijfer van inwoners van Overijssel voor de culturele identiteit die is omschreven als een zich van andere streken en regio's te onderscheiden leefwijze, cultuur, met collectieve eigenaardigheden, gedeelde gedrags- en leefwijzen.
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar. Voorbeelden van culturele identiteit zijn tradities, feesten, festivals, verenigingsleven, gewoonten en gebruiken zoals noaberschap en streektaal en aan de kenmerkende eigenschappen van een dorp stad of streek zoals zich uiten in bijvoorbeeld karakteristieke gebouwen, landschap en\of de mentaliteit van de bevolking.
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 78% | 78% | 76% | 78% |
Culturele voorzieningen zijn aan de inwoners uitgelegd als bijvoorbeeld: bioscopen, filmhuizen, theaters, schouwburgen, musea, poppodia, festivals, evenementen, tentoonstellingen, centra voor beeldende kunst, bibliotheken, archieven, monumenten en ander cultureel erfgoed. Maar ook zaken zoals de regionale omroep, streektaal, streekcultuur en amateurkunst.
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar.
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | niet bekend | 33% | 33% | - |
Voorbeelden van volkscultuur zijn een dorpsfeest/braderie, streekgerechten maken, oogstfeesten, regionale muziek, bloemencorso, schutterij en volksdansen.
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar.
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | niet bekend | 40% | 42% | - |
Percentage inwoners dat in de afgelopen 12 maanden in hun vrije tijd actief met kunst en/of cultuur is geweest? Bijvoorbeeld als amateurkunstenaar, als liefhebber, hobbyist of als verzamelaar.
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari na het betreffende jaar. De volgende activiteiten konden inwoners aangeven: Fotograferen, films of video’s maken (anders dan van de vakantie of familie) Bespelen van een muziekinstrument, muziek maken of componeren op de computer; Tekenen, schilderen, grafisch werk maken (litho’s, zeefdrukken, etsen, inclusief op de computer; Werken met textiel of natuurlijke materialen, mode maken of ontwerpen Zingen, spelen in musical, opera of operette Verhalen en\of gedichten schrijven, vertellen, voorlezen; Amateurarcheologie, genealogie, geschiedenis, folklore, streektaal en - tradities; Dansen (klassiek ballet, jazz, street-, folk-, line- of andere dansvormen); Beeldhouwen, boetseren, pottenbakken, sieraden maken Toneelspelen, mime, cabaret; Diversen.
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 84% | 83% | 83% | - |
Percentage inwoners dat gebruik maakt van culturele voorzieningen. Het gaat daarbij om bijvoorbeeld: bioscopen, filmhuizen, theaters, schouwburgen, musea, poppodia, festivals, evenementen, tentoonstellingen, centra voor beeldende kunst, bibliotheken, archieven, monumenten en ander cultureel erfgoed. Maar ook zaken zoals de regionale omroep, streektaal, streekcultuur en amateurkunst.
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar.
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | - | - | 50% | - |
Percentage inwoners van Overijssel dat van mening is dat de bibliotheken met hun tijd mee gaan.
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar.
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | - | - | 72% | 76% |
Percentage inwoners dat vertrouwen heeft in het openbaar bestuur (gemeenten, provincie, waterschappen) in de provincie Overijssel
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar.
Begin 2017 heeft 76% van de inwoners van Overijssel vertrouwen in het openbaar bestuur in de eigen provincie. Gemiddeld in Nederland ligt dit lager (70%).
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 60% | 59% | 58% | 62% |
Percentage inwoners dat vertrouwen heeft in de provincie Overijssel.
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar.
Begin 2017 heeft 62% van de inwoners van Overijssel vertrouwen in de provincie. De afnemende trend in het vertrouwen in de provincie lijkt zich te stabiliseren. Gemiddeld in Nederland ligt het vertrouwen met 58% iets lager.
Bron: Jeugdpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 58% | niet bekend | 52% | 58% |
Percentage jongeren dat vertrouwen heeft in de provincie Overijssel.
Het gaat om jongeren tussen de 13 en 24 jaar. Meting in januari van betreffende jaar.
Begin 2017 heeft 58% van de jongeren in Overijssel in de provincie. Vergeleken met het vertrouwen onder volwassenen (kengetal 7.b) is dit percentage lager, maar het verschil wordt kleiner.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 72% | 44% | 76% | 88% |
Het percentage gemeenten in Overijssel waarbij het overall beeld van het interbestuurlijk toezicht door de provincie positief (groen) is.
In 2017 hebben 22 gemeenten een positief overall beeld IBT (groen) en 3 een neutraal beeld (oranje).
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 19% | 16% | 18% | 16% |
Percentage inwoners dat zich betrokken voelt bij de provincie Overijssel.
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar.
Begin 2017 voelt 16% van de inwoners van Overijssel zich betrokken bij de provincie. Dit aandeel geeft in de loop der jaren een stabiel beeld.
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 31% | 28% | 33% | 37% |
Percentage inwoners dat vindt dat er voldoende mogelijkheden zijn voor burgerparticipatie vanuit Rijk, Provincies en Gemeenten.
Percentage inwoners dat zich betrokken voelt bij de provincie Overijssel (%)
Begin 2017 vindt een derde (37%) van de inwoners van Overijssel dat er voldoende mogelijkheden zijn voor burgerparticipatie vanuit Rijk, provincie en gemeenten. Hier is een voorzichtige toename zichtbaar. Gemiddeld in Nederland ligt dit aandeel met 34% iets lager.
Bron: Ondernemerspanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | - | - | 70% | - |
Percentage ondernemers dat vertrouwen heeft in het openbaar bestuur (gemeenten, provincie, waterschappen).
Nulmeting in 2016. Meting vindt eens in de twee jaar plaats.
Nulmeting in 2016. Begin 2016 heeft 70% van de ondernemers in Overijssel vertrouwen in het openbaar bestuur in de provincie. Dit aandeel ligt gemiddeld in Nederland met 65% lager. Volgende meting in 2018.
Bron: Ministerie van BZK
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 1 | 2 | 2 | 1 |
Verplicht cijfer in het kader van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Aantallen gemeenten per provincie onder preventief toezicht. Deze indicator geeft inzicht in het aantal gemeenten dat financieel kwetsbaar is (‘Artikel12’-gemeenten).
Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn provincies en gemeenten verplicht in de begroting en jaarverslag de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma's worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren en/of -kengetallen. Voor de provincies geldt deze verplichting vanaf de begroting 2018. De verplichte set cijfers is voor alle provincies te raadplegen op de website www.waarstaatjeprovincie.nl (op 7 juli 2017 geraadpleegd voor deze begroting).
Bron: Kiesraad
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | - | - | - | 83,5% |
Verplicht cijfer in het kader van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De opkomstcijfers van Tweede Kamerverkiezingen weergeven in percentage kiezers / stemgerechtigden in Overijssel.
Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn provincies en gemeenten verplicht in de begroting en jaarverslag de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma's worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren en/of -kengetallen. Voor de provincies geldt deze verplichting vanaf de begroting 2018. De verplichte set cijfers is voor alle provincies te raadplegen op de website www.waarstaatjeprovincie.nl (op 7 juli 2017 geraadpleegd voor deze begroting).
De opkomst in Overijssel was in 2017 hoger dan het landelijke gemiddelde van 81,9%. De opkomst in Overijssel is ook hoger dan de 76,5% in 2012.
Bron: Kiesraad
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | - | 49,8% | - | - |
Verplicht cijfer in het kader van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De opkomstcijfers van Provinciale Statenverkiezingen weergeven in percentage kiezers / stemgerechtigden in Overijssel.
Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn provincies en gemeenten verplicht in de begroting en jaarverslag de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma's worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren en/of -kengetallen. Voor de provincies geldt deze verplichting vanaf de begroting 2018. De verplichte set cijfers is voor alle provincies te raadplegen op de website www.waarstaatjeprovincie.nl (op 7 juli 2017 geraadpleegd voor deze begroting).
De opkomst in Overijssel was in 2015 hoger dan het landelijke gemiddelde van 47,8%. De opkomst in Overijssel is in 2015 lager dan de 57,7% in 2011.
Bron: Kiesraad
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 56,6% | - | - | - |
Verplicht cijfer in het kader van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De opkomstcijfers van Gemeenteraadsverkiezingen weergeven in percentage kiezers / stemgerechtigden in Overijssel.
Met de wijziging van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van 5 maart 2016 zijn provincies en gemeenten verplicht in de begroting en jaarverslag de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma's worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren en/of -kengetallen. Voor de provincies geldt deze verplichting vanaf de begroting 2018. De verplichte set cijfers is voor alle provincies te raadplegen op de website www.waarstaatjeprovincie.nl (op 7 juli 2017 geraadpleegd voor deze begroting).
De opkomst in Overijssel was in 2014 hoger dan het landelijke gemiddelde van 54,0%. De opkomst in Overijssel is gelijk aan die in 2010.
Bron: I&O Research
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | - | - | 13 | 45 |
Het gaat hierbij om het aantal werkzame personen bij luchthavengebonden en niet-luchthavengebonden bedrijven- en instellingen in het plangebied van Luchthaven Twente.
Totaal aantal werkzame personen bij bedrijven- en instellingen d.w.z. fulltime en parttime, inclusief uitzendkrachten per februari. Het plangebied betreft het deelgebied noord dat bestaat uit Twente Airport en het bedrijventerrein ten noorden van de start en landingsbaan. Per februari 2017 zijn er 10 bedrijven gevestigd.
Bron: Area Development Twente
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | - | - | 0,95 ha (7,5%) | 1,42 ha (11,3%) |
Het gaat hierbij om de oppervlakte uitgegeven bedrijfsgrond in het plangebied (deelgebied noord), uitgedrukt in het aantal hectares ‘footprint’ en als (aandeel) in de totale plancapaciteit. ‘Footprint’ wil zeggen de omvang van het bebouwde oppervlak van een gebouw.
Het plangebied betreft het deelgebied noord dat bestaat uit Twente Airport en het bedrijventerrein ten noorden van de start en landingsbaan. Realisatie 2016 is stand per 1 januari 2016. Realisatie 2017 is stand per 1 mei 2017. Kijk hier voor meer informatie over de uitgegeven bedrijfsgrond.
Bron: Area Development Twente (Twente Airport)
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | - | - | - | 233 |
Het gaat hierbij om het totaal aantal vliegbewegingen (exclusief zweefvliegtuigen en drones) per jaar voor de typen End of Life (EOL), General Aviation (GA), Business Aviation (BA) en Maintenance, Repair and Overhaul (MRO).
Realisatie 2017 is stand per april 2017. Een vliegbeweging is het opstijgen of landen van een vliegtuig. Op 30 maart 2017 is het luchthavenbesluit officieel inwerking getreden en is Twente Airport geopend. De waarde 2017 heeft dan ook uitsluitend betrekking op de maand april. In lijn met het Luchthavenbesluit, dient de exploitant (ADT) per kwartaal te rapporteren aan GS over het aantal vliegbewegingen en de geluidseffecten. Op het moment van schrijven van deze begroting was deze informatie over het tweede kwartaal nog niet beschikbaar.
Bron: Gemeente Enschede en Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | - | - | 14 | 1 |
Het aantal geregistreerde klachten en handhavingsverzoeken gerelateerd aan de activiteiten in en rondom de Luchthaven Twente die zijn ingediend bij de Gemeente Enschede of de Provincie Overijssel.
Klachten in de omgeving geven een indicatie over mogelijke effecten van activiteiten in het plangebied Luchthaven Twente op de omgeving. Het plangebied betreft het deelgebied noord dat bestaat uit Twente Airport en het bedrijventerrein ten noorden van de start en landingsbaan. Stand van zaken per 1 mei 2017.
Indieners van klachten kunnen terecht bij het Meldpunt Overijssel. De ingestelde Commissie Regionaal Overleg Twente Airport zal als onafhankelijk adviesorgaan onder meer klachten bespreken en daarover advies uitbrengen aan de provincie.
Bij de Provincie Overijssel zijn geen officiële klachten of handhavingsverzoeken ingediend van 2016 tot 1 mei 2017. Wel is er een handhavingszaak (met bijbehorende bezwaarschriften) ten aanzien van het Airforce Festival in april door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) overgedragen aan de provincie. Deze is op het moment van schrijven in behandeling.
In 2016 zijn er bij de gemeente Enschede 0 klachten en 4 handhavingsverzoeken officieel geregistreerd. De meeste klachten hebben betrekking op het Airforce Festival (Van Eck terrein). Daarnaast zijn er vier handhavingsverzoeken ingediend, met name over illegale activiteiten op de Strip (Van Eck terrein) en het aangrenzende parkeerterrein. In 2017 zijn er per 1 mei 2017 geen officiële klachten of handhavingsverzoeken geregistreerd bij de gemeente Enschede.
Bron: Burgerpanel Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 53% | 55% | 51% | 50% |
Percentage inwoners van Overijssel dat van mening is actief te participeren in de samenleving (anders dan arbeidsparticipatie)
Het gaat om inwoners van 18 jaar en ouder. Meting in januari van het betreffende jaar.
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 736 | 774 | 762 | - |
Omvang toegestane formatie (fte) in vaste dienst bij de provincie Overijssel per 31 december van het lopende jaar.
Stand van zaken per 31 december (jaarcijfer).
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 94% | 93% | 91% | - |
Het kengetal geeft aan welk deel van de beschikbare formatie daadwerkelijk wordt ingezet.
Stand van zaken per 31 december (jaarcijfer)
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 10% | 11% | 9% | - |
Het percentage medewerkers in vaste dienst bij de provincie Overijssel jonger dan 35 jaar per 31 december van lopend jaar.
Stand van zaken per 31 december (jaarcijfer)
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 34% | 34% | 35% | - |
Het percentage medewerkers in vaste dienst bij de provincie Overijssel ouder dan 55 jaar per 31 december van lopend jaar.
Stand van zaken per 31 december (jaarcijfer).
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 3,6% | 10,7% | 5,3% | - |
Verhouding van het aantal medewerkers dat in het lopende jaar in vaste dienst is getreden als aandeel van het aantal vaste medewerkers per 31 december van het lopende jaar.
Stand van zaken per 31 december (jaarcijfer).
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 13 | 42 | 44 | - |
Het aantal vaste medewerkers dat in het lopende jaar van functie en/of afdeling is veranderd.
Stand van zaken per 31 december (jaarcijfer).
Bron: Provincie Overijssel
2013 | 2014 | 2015 | 2016 | 2017 | |
---|---|---|---|---|---|
Realisatiewaarde | - | 11% | 9,2% | 6,3% | - |
Verhouding van het aantal medewerkers in vaste dienst dat in het lopende jaar uit dienst is getreden als aandeel van het aantal vaste medewerkers per 31 december van het lopende jaar.
Stand van zaken per 31 december (jaarcijfer).