Analyse van het resultaat over 2025
Resultaatoverzicht
Terug naar navigatie - Analyse van het resultaat over 2025 - ResultaatoverzichtHet jaarrekeningresultaat 2025 bedraagt € 31,7 miljoen. Dit is het resultaat op een begroting van € 713,7 miljoen. De gerealiseerde lasten zijn € 81,7miljoen lager dan begroot. De gerealiseerde baten zijn € 9,2 miljoen lager dan begroot. Het saldo van baten en lasten is daarmee € 72,5 miljoen voordeliger dan begroot. Voor € 40,8 miljoen heeft dit voordeel betrekking op de reserves. Het overige deel van het voordeel (€ 72,5 miljoen -/- € 40,8 miljoen) bedraagt € 31,7 miljoen en vormt het jaarrekeningresultaat. Onderstaande tabel geeft hiervan een cijfermatig overzicht.
Bedragen x € 1,0 miljoen |
Begroot |
Realisatie |
Saldo |
||
|---|---|---|---|---|---|
Lasten |
€713,7 |
€632,0 |
€81,7 |
||
Baten |
€687,5 |
€678,3 |
€(9,2) |
||
Saldo van baten en lasten |
€(26,2) |
€46,3 |
€72,5 |
||
Stortingen in reserves |
€414,0 |
€414,5 |
€(0,5) |
||
Onttrekkingen aan reserves |
€440,2 |
€399,9 |
€(40,3) |
||
Bijdrage reserves aan het resultaat |
€26,2 |
€(14,6) |
€(40,8) |
||
Jaarrekeningresultaat |
€0,0 |
€31,7 |
€31,7 |
Analyse van het resultaat
Terug naar navigatie - Analyse van het resultaat over 2025 - Analyse van het resultaatOnderstaand lichten we de afwijkingen ten opzichte van de begroting toe, groter dan € 0,5 miljoen, die bijdragen aan het jaarrekeningresultaat van €31,7 miljoen. De posten zijn ook opgenomen in onderstaande tabel. Bij de betreffende prestaties vindt u de uitgebreide financiële toelichting.
Implementatie omgevingswet (prestatie 1.1.5, voordeel € 0,5 miljoen)
Van het beschikbare budget van € 0,5 miljoen hebben wij € 0,48 miljoen niet besteed. In 2025 hebben we ingezet op de implementatie en verbetering van onze processen voor uitvoering van de omgevingswet. Dit vergde vooral inzet van onze eigen capaciteit. De niet bestede middelen uit 2025 hebben we nodig in 2026. Bijvoorbeeld voor opleiding, training en communicatie. En ook voor ondersteuning van gemeenten en de omgevingsdiensten bij hun werkzaamheden rondom de omgevingswet. Daarom doen we bij deze jaarrekening een resultaatbestemmingsvoorstel van € 0,35 miljoen.
Inzetten grondbeleidsinstrumentarium (prestatie 1.5.1, voordeel € 1,1 miljoen)
Door een positief resultaat op de landinrichtingsprojecten Staphorst en Blokzijl - Vollenhove en door lagere uitvoeringskosten kent deze prestatie een voordeel van € 1,1 miljoen. De resultaten op deze prestatie worden jaarlijks verrekend met de Algemene reserve grondzaken. Hiervoor doen wij ook dit jaar weer een voorstel voor resultaatbestemming.
Vergunningverlening, toezicht en handhaving milieu (prestatie 2.1.2, voordeel € 1,2 miljoen)
Deze prestatie draagt voor € 1,2 miljoen bij aan het jaarrekeningresultaat. Drie afrekeningen vanuit de omgevingsdiensten over 2024 leveren een voordeel op van € 0,9 miljoen. Daarnaast vallen de opbrengsten uit leges € 0,2 miljoen hoger uit dan begroot. De uitvoering van handhavingstaken is bovendien € 0,1 miljoen goedkoper gerealiseerd dan geraamd.
Stimuleren van energiebesparende maatregelen en de opwekking van hernieuwbare energie (prestatie 2.3.1, voordeel € 1,3 miljoen)
Van de begrote lasten van € 3,1 miljoen binnen deze prestatie is €1,3 miljoen niet besteed. Voor de besteding van het budget voor de regionale energiestrategieën hebben wij afspraken kunnen maken. Van het budget in 2025 wordt € 0,9 miljoen besteed in 2026. Daarnaast was vanuit de Motie gezamenlijke ambities € 0,9 miljoen beschikbaar voor het onderdeel ‘lusten en lasten van windenergie’. Hiervan is € 0,2 miljoen niet besteed omdat niet alle gemeenten hebben deelgenomen aan de subsidieregeling. De overige € 0,2 miljoen aan niet bestede middelen is aanwezig op meerdere kleine budgetten.
Financieren van projecten door Energiefonds Overijssel (prestatie 2.3.2, nadeel € 0,5 miljoen)
Oninbare investeringen binnen het EFO worden direct ten laste van onze lening aan EFO gebracht. Dit heeft in 2025 geresulteerd in een kostenpost van € 0,5 miljoen. Bij deze jaarrekening doen wij een voorstel om deze kostenpost te dekken uit de daarvoor beschikbare middelen binnen de Algemene financieringsreserve.
Vergunningverlening, toezicht en handhaving natuur en landschap (prestatie 3.1.2, voordeel € 0,7 miljoen)
Van het beschikbare budget van € 1,3 miljoen is € 0,7 miljoen niet besteed. Deze onderbesteding zit voornamelijk op de budgetten voor het versterken groene BOA’s en vergunningverlening. Voor € 0,2 miljoen doen wij bij deze jaarrekening een voorstel voor a resultaatbestemming.
Beheer natuurterreinen (prestatie 3.1.4, voordeel € 1,8 miljoen)
Dit voordeel is behaald op een budget van € 25,2 miljoen.
Beheer natuurwaarden in agrarisch gebied (prestatie 3.1.5, nadeel € 0,9 miljoen)
Een verlaging van het EU-budget voor Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer (ANLb) betekent voor ons een niet begrote last van € 0,8 miljoen. De resterende overschrijding van € 0,1 miljoen wordt gecompenseerd door extra middelen binnen het provinciefonds die via de decembercirculaire zijn toegekend.
Monitoring en evaluatie natuur en landschap (prestatie 3.1.7, voordeel € 0,5 miljoen)
De besteding is achtergebleven bij de begroting. Een deel van de begrote bijdrage aan de Nationale Databank Flora & Fauna (NDFF) was niet nodig en de opstart voor monitoring in natuurgebieden is gerealiseerd met minder inzet van middelen. Voor de extra inzet op het verbeterprogramma VHR-monitoring (Vogel- en habitatrichtlijn) en voor de via de decembercirculaire ontvangen Rijksmiddelen voor uitvoering van de natuurherstelverordening stellen wij een resultaatbestemming voor van € 0,4 miljoen.
Faunabeheer (prestatie 3.3.4, nadeel € 0,6 miljoen)
Op een budget van € 4,6 miljoen is er een overbesteding van € 0,6 miljoen geweest. De jaarlijkse toename van aanvragen voor tegemoetkoming in faunaschade, hogere taxatiekosten en fluctuerende gewasprijzen zijn hier de oorzaak van. Ook heeft de afrekening van 2024 bijgedragen aan de overbesteding.
Bestrijding invasieve exoten (prestatie 3.3.5, voordeel € 0,6 miljoen)
Op een budget van € 1,4 miljoen is er € 0,6 miljoen niet besteed. Hiervan was € 0,3 miljoen bij Monitor 2025-II aangekondigd. Van het budget voor de verplichte cofinanciering voor een meerjarige LIFE-project komt € 0,4 miljoen later tot besteding dan verwacht. Bovendien hebben wij laat in 2025 nog voor ruim € 0,1 miljoen subsidieaanvragen gekregen voor de aanpak van invasieve exoten. Die aanvragen passen binnen het gepubliceerde plafond en kennen wij toe in 2026. Via een voorstel tot resultaatbestemming stellen wij voor om een budget van € 0,5 miljoen door te schuiven naar 2026 voor de benodigde cofinanciering en de toe te kennen subsidieaanvragen.
Concessie- en contractmanagement van bus en trein (prestatie 4.2.3, nadeel € 4,6 miljoen)
Het budget voor deze prestatie bedroeg € 121,5 miljoen. De grootste afwijking van de begroting doet zicht voor op de baten. Het Rijk heeft een specifieke uitkering heeft omgezet in een decentralisatie-uitkering. Deze wordt verantwoord onder de algemene dekkingsmiddelen in plaats van op deze prestatie. Dit levert een nadeel van € 11,9 miljoen op voor deze prestatie. Voor de provincie als geheel is dit een neutrale ontwikkeling. Op de overige posten is een voordeel behaald van € 7,3 miljoen. Per saldo leidt dit tot een nadeel van € 4,6 miljoen op deze prestatie.
Stimuleren fietsgebruik (prestatie 4.3.1, voordeel € 4,0 miljoen)
Van het budget van € 7,4 miljoen is € 4,2 miljoen niet besteed. Voor € 2,8 miljoen wordt dit veroorzaakt door vertraging in de realisatie van het fietspad F35, traject Oldenzaal – Lonneker. Voor € 1,2 miljoen is er sprake van lagere vaststellingen van in voorgaande jaren verstrekte subsidies. Enkele gesubsidieerde projecten hebben geen doorgang gevonden.
Infrastructurele maatregelen bereikbaarheid (prestatie 4.6.10, voordeel € 1,6 miljoen)
Doordat de realisatie van door ons gesubsidieerde meerjarige projecten vertraging heeft opgelopen en er een vrijval op subsidies heeft plaatsgevonden is er € 1,6 miljoen minder besteed dan begroot. Voor de niet bestede middelen doen wij een voorstel tot resultaatbestemming.
Beheer provinciale infrastructuur (prestatie 4.7.1, nadeel € 4,4 miljoen)
De begrote lasten van € 16,6 miljoen zijn met € 4,7 miljoen overschreden. Dit komt voornamelijk door hogere eenheidsprijzen in opnieuw aanbestede raamcontracten, CAO-wijzigingen in de uitzendbranche (brug- en sluisbediening) en gladheidsbestrijding. De baten op deze prestatie zijn € 0,3 miljoen hoger dan begroot.
Bevorderen van de concurrentiekracht en verdienvermogen van ondernemers in Overijssel (prestatie 5.1.1, voordeel € 0,5 miljoen)
Het totale budget van € 7,4 miljoen is nagenoeg volledig besteed. Vanuit het Rijk hebben wij een vergoeding ontvangen voor door ons gemaakte kosten in het kader van de Brexit, in de jaren 2020 tot en met 2023. Dat leidt tot een voordeel van € 0,5 miljoen op deze prestatie.
Verstrekken risicokapitaal (prestatie 5.1.5, nadeel € 1,3 miljoen)
Op basis van de jaarrekening van het Innovatiefonds Overijssel hebben wij € 1,3 miljoen toegevoegd aan de Voorziening IFO. Bij deze jaarrekening stellen wij voor om deze toevoeging te dekken uit de daarvoor bedoelde middelen in de Algemene financieringsreserve.
Materieel, immaterieel erfgoed en erfgoed in transitie (prestatie 6.1.1, voordeel € 0,7 miljoen)
Ten opzichte van de begrote lasten van € 8,9 miljoen is er een voordeel van € 0,7 miljoen ontstaan. Deze wordt veroorzaakt door het later uitvoeren van restauratiewerkzaamheden aan de Boven- of Sint-Nicolaaskerk. Voor de niet bestede middelen doen wij een voorstel tot resultaatbestemming.
Een leven lang lezen èn leren (prestatie 6.4.1, voordeel € 0,8 miljoen)
Ten opzichte van de begrote lasten van € 3,7 miljoen is er een voordeel van € 0,8 miljoen ontstaan. Dit komt door de latere openstelling en beperkte benutting van de subsidieregeling Bibliotheek van de Toekomst.
Overijsselaars zijn vitaal en kunnen deelnemen aan een inclusieve samenleving (prestatie 6.5.1, voordeel € 0,6 miljoen)
Van de begrote lasten van € 2,5 miljoen is € 0,6 miljoen niet besteed. Dit komt voornamelijk door het niet volledig benutten van de subsidieplafonds voor de regelingen Overijssel in beweging en Vernieuwing sociale kwaliteit. Voor € 0,5 miljoen hebben wij eind 2026 aanvragen ontvangen, die wij willen en moeten toekennen in 2026. De regelingen staan bovendien ook in 2026 nog open. Wij stellen voor om € 0,6 miljoen via resultaatbestemming toe te voegen aan de jaarschijf 2026 van prestatie 6.5.1.
Duurzame voorzieningen, waardevolle verbindingen, inzet van vrijwilligers en maatschappelijke initiatieven en diensten (prestatie 6.6.1, voordeel € 0,8 miljoen)
Op een budget van € 2,7 miljoen is er een voordeel ontstaan van € 0,8 miljoen. Een deel is te verklaren door ontvangen subsidieaanvragen die wij in 2026 willen en moeten toekennen. Ook heeft de uitvoering van de provinciale visie vrijwilligers vertraging opgelopen.
(Rijks)taken Commissaris van de Koning (prestatie 7.1.4, voordeel € 1,2 miljoen)
Van het budget van € 1,7 miljoen is € 1,2 miljoen niet besteed. Voor € 0,8 miljoen hebben wij dit aangekondigd in Monitor 2025-II. De ruimte zit vooral op de budgetten voor weerbaar bestuur kleine gemeenten en asiel en migratie. Voor de niet bestede middelen voor deze onderwerpen doen wij een voorstel voor resultaatbestemming, ter grootte van € 1,1 miljoen.
Gedeputeerde Staten (prestatie 7.3.5, nadeel € 1,5 miljoen)
Het nadeel op deze prestatie wordt vooral veroorzaakt door een hogere toevoeging aan de Voorziening algemene pensioenwet politieke ambtsdragers. Het Ministerie van Binnenlandse Zaken heeft het voornemen uitgesproken om de pensioenaanspraken van (oud-) gedeputeerden per 1 januari 2028 onder te brengen bij het ABP onder de nieuwe Wet Toekomstige Pensioenen (WTP). Om aan de WTP te voldoen moeten de pensioenaanspraken worden 'ingevaren'. Aan de hand van nieuwe rekenregels en vereisten vanuit deze wet wordt de hoogte van de pensioenaanspraken opnieuw bepaald. In IPO-verband is onderzocht welke gevolgen dit heeft voor de provincies. Op basis van actuariële berekeningen is vastgesteld dat wij de voorziening met € 1,5 miljoen moeten verhogen.
Toegerekende personeelsgebonden kosten (Overhead, financiering en algemene dekkingsmiddelen, voordeel € 0,9 miljoen)
De aan de exploitatie toegerekende personeelsgebonden kosten bedragen in 2025 € 91,3 miljoen. Ten opzichte van de begroting ontstaat daarmee een voordeel van € 0,9 miljoen.
Overhead (Overhead, financiering en algemene dekkingsmiddelen, voordeel € 2,5 miljoen)
Het budget voor overhead, exclusief de toegerekende personele kosten, bedraagt in 2025 € 31,7 miljoen. Het voordeel ten opzichte de begroting bedraagt € 2,5 miljoen. In Monitor 2025-II hebben wij hiervan € 0,9 miljoen aangekondigd. Het grootste voordeel is ontstaan door niet bestede I&D budgetten (€ 0,5 miljoen). Onder de tegel 'Overhead, financiering en algemene dekkingsmiddelen' is een uitgebreide toelichting op dit budget opgenomen.
Opcenten motorrijtuigenbelasting (Overhead, financiering en algemene dekkingsmiddelen, nadeel € 1,7 miljoen)
In 2025 bedraagt de begrote opbrengst van de opcenten motorrijtuigenbelasting € 128,7 miljoen. De gerealiseerde opbrengsten zijn € 1,7 miljoen lager.
Provinciefonds (Overhead, financiering en algemene dekkingsmiddelen, voordeel € 15,9 miljoen)
Via de decembercirculaire is de provinciefondsuitkering die wij ontvangen verhoogd met € 15,9 miljoen. De totaal ontvangen provinciefondsuitkering in 2025 bedraagt € 333,7 miljoen. Voor de diverse onderwerpen waarvoor extra middelen aan het provinciefonds zijn toegekend doen wij een voorstel voor resultaatbestemming.
Renteopbrengsten (Overhead, financiering en algemene dekkingsmiddelen, voordeel € 2,1 miljoen)
De rentebaten zijn € 2,1 miljoen hoger uitgevallen dan begroot. De totale rentebaten in 2025 bedragen € 27,6 miljoen.
Vrijval voorgaande jaren (Overhead, financiering en algemene dekkingsmiddelen, voordeel € 1,7 miljoen)
In de begroting is een post opgenomen voor vrijval van lasten uit eerdere jaren. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om lager vastgestelde subsidies van inmiddels beëindigde subsidieregelingen. De vrijval komt in 2025 uit op € 2,7 miljoen. Daarmee bedraagt het voordeel ten opzichte van de begroting € 1,7 miljoen.
Onvoorzien en stelpost voor CAO 2025-2026 (Overhead, financiering en algemene dekkingsmiddelen, voordeel € 1,6 miljoen)
Deze buffers van € 1,6 miljoen zijn niet ingezet in 2025.
Prestatie |
Omschrijving |
Resultaat x € 1,0 miljoen |
|---|---|---|
1.1.5 |
Implementatie omgevingswet |
0,50 |
1.5.1 |
Inzetten grondbeleidsinstrumentarium |
1,10 |
2.1.2 |
Vergunningverlening, toezicht en handhaving milieu |
1,20 |
2.3.1 |
Stimuleren van energiebesparende maatregelen en de opwekking van hernieuwbare energie |
1,30 |
2.3.2 |
Financieren van projecten door Energiefonds Overijssel |
-0,50 |
3.1.2 |
Vergunningverlening, toezicht en handhaving natuur en landschap |
0,70 |
3.1.4 |
Beheer natuurterreinen |
1,80 |
3.1.5 |
Beheer natuurwaarden in agrarisch gebied |
-0,90 |
3.1.7 |
Monitoring en evaluatie natuur en landschap |
0,50 |
3.3.4 |
Faunabeheer |
-0,60 |
3.3.5 |
Bestrijding invasieve exoten |
0,60 |
4.2.3 |
Concessie- en contractmanagement van bus en trein |
-4,60 |
4.3.1 |
Stimuleren fietsgebruik |
4,00 |
4.6.10 |
Infrastructurele maatregelen bereikbaarheid |
1,60 |
4.7.1 |
Beheer provinciale infrastructuur |
-4,40 |
5.1.1 |
Bevorderen van de concurrentiekracht en verdienvermogen van ondernemers in Overijssel |
0,50 |
5.1.5 |
Verstrekken risicokapitaal |
-1,30 |
6.1.1 |
Materieel, immaterieel erfgoed en erfgoed in transitie |
0,70 |
6.4.1 |
Een leven lang lezen èn leren |
0,80 |
6.5.1 |
Overijsselaars zijn vitaal en kunnen deelnemen aan een inclusieve samenleving |
0,60 |
6.6.1 |
Duurzame voorzieningen, waardevolle verbindingen, inzet van vrijwilligers en maatschappelijke inititavtieven en diensten |
0,80 |
7.1.4 |
(Rijks)taken Commissaris van de Koning |
1,20 |
7.3.5 |
Gedeputeerde Staten |
-1,50 |
OFD |
Toegerekende personeelsgebonden kosten |
0,90 |
OFD |
Overhead |
2,50 |
OFD |
Opcenten motorrijtuigenbelasting |
-1,70 |
OFD |
Provinciefonds |
15,90 |
OFD |
Rente-opbrengsten |
2,10 |
OFD |
Vrijval voorgaande jaren |
1,70 |
OFD |
Onvoorzien en buffers voor prijsindexering |
1,60 |
Overig |
4,60 |
|
Totaal |
31,70 |
Specificatie van het resultaat
Terug naar navigatie - Analyse van het resultaat over 2025 - Specificatie van het resultaatOnderstaande tabel geeft per prestatie het verschil tussen begroting en realisatie (jaarrekening) weer. Daarbij wordt aangegeven welk deel van dat verschil wordt afgerekend met de reserves en welk deel van het verschil doorwerkt in het jaarrekeningresultaat. Een deel van het verschil wordt afgerekend met de reserves als het betreffende budget afkomstig is van een reserve. Als de lasten op een dergelijk budget lager zijn dan begroot, of de opbrengsten hoger dan begroot, wordt er minder geld uit de reserves gehaald. Dat deel van het verschil tussen begroting en realisatie blijft dan ten gunste van de reserves en werkt niet door in het jaarrekeningresultaat.
Met deze tabel zijn alle afwijkingen ten opzichte van de begroting inzichtelijk. De toelichtingen op de individuele prestaties, vindt u bij de desbetreffende prestatie binnen de desbetreffende kerntaak.
Prestatie |
Omschrijving |
Realisatie t.o.v. begroting |
||
|---|---|---|---|---|
Totaal |
Reserves |
Resultaat |
||
1.1.1 |
Vastleggen en waarborgen actueel ruimtelijk- en waterbeleid |
€ 0,2 |
€ 0,1 |
€ 0,1 |
1.1.2 |
Uitvoering van ons ruimtelijk- en waterbeleid |
€ 0,3 |
€ - |
€ 0,3 |
1.1.3 |
Verstedelijkingsstrategieën en regiostructuur |
€ 0,4 |
€ - |
€ 0,4 |
1.1.5 |
Implementatie omgevingswet |
€ 0,5 |
€ - |
€ 0,5 |
1.2.1 |
Werken aan een klimaatrobuust en veilig water- en bodemsysteem |
€ 0,2 |
€ - |
€ 0,2 |
1.2.2 |
Samen werken aan klimaatadaptatie en waterbeheer |
€ 1,0 |
€ 1,0 |
€ - |
1.2.3 |
Werken aan voldoende schone drinkwaterbronnen nu en in de toekomst |
€ 0,2 |
€ 0,1 |
€ 0,1 |
1.2.5 |
Vergunningverlening, toezicht en handhaving water |
€ - |
€ - |
€ - |
1.3.1 |
Ontwikkelen en uitvoeren woonagenda's |
€ - |
€ - |
€ - |
1.3.2 |
Financieel beheer startersleningen |
€ - |
€ - |
€ - |
1.3.3 |
Investeren in de woningmarkt |
€ 7,1 |
€ 7,1 |
€ - |
1.4.1 |
Werken aan een klimaatadaptieve inrichting in 20250 |
€ 0,4 |
€ 0,1 |
€ 0,3 |
1.4.2 |
Investeringsprogramma Ruimte Wonen Retail |
€ 5,9 |
€ 5,9 |
€ - |
1.4.4 |
Ondergrondse verkabeling van hoogspanningsleidingen |
€ - |
€ - |
€ - |
1.4.5 |
Versterken corridor Zwolle-Twente-Munster |
€ - |
€ - |
€ - |
1.5.1 |
Inzetten grondbeleidsinstrumentarium |
€ 0,9 |
€ -0,2 |
€ 1,1 |
2.1.1 |
Beleidsontwikkeling en kaderstelling milieu en gezondheid |
€ 0,2 |
€ 0,2 |
|
2.1.2 |
Vergunningverlening, toezicht en handhaving milieu |
€ 1,2 |
€ 1,2 |
|
2.1.3 |
Ondersteunen en uitvoeren milieueffectrapportages/duurzaamheidsrapp |
€ - |
€ - |
€ - |
2.2.1 |
Sanering en beheersing (asbest) verontreinigde bodemlocaties |
€ - |
€ - |
€ - |
2.2.2 |
Stimuleren van het verwijderen van asbestdaken |
€ - |
€ - |
€ - |
2.2.3 |
Beheer nazorgfonds |
€ - |
€ - |
€ - |
2.3.1 |
Stimuleren van energiebesparende maatregelen en de opwekking van hernieuwbare energie |
€ 4,7 |
€ 3,4 |
€ 1,3 |
2.3.2 |
Financieren van projecten door Energiefonds Overijssel |
€ -0,5 |
€ - |
€ -0,5 |
2.3.3 |
Realiseren van een betrouwbaar, betaalbaar en duurzaam regionaal energienetwerk |
€ - |
€ - |
€ - |
3.1.1 |
Beleidsontwikkeling en kaderstelling natuur en landschap |
€ - |
€ - |
€ - |
3.1.2 |
Vergunningverlening, toezicht en handhaving natuur en landschap |
€ 0,6 |
€ -0,1 |
€ 0,7 |
3.1.3 |
Opstellen en actualisatie beheerplannen Natura2000 |
€ 0,3 |
€ - |
€ 0,3 |
3.1.4 |
Beheer natuurterreinen |
€ 1,8 |
€ - |
€ 1,8 |
3.1.5 |
Beheer natuurwaarden in agrarisch gebied |
€ -0,9 |
€ - |
€ -0,9 |
3.1.6 |
Projecten voor verbeteren biodiversiteit |
€ 0,3 |
€ 0,2 |
€ 0,1 |
3.1.7 |
Monitoring en evaluatie natuur en landschap |
€ 0,5 |
€ - |
€ 0,5 |
3.2.1 |
Beheer landschap |
€ - |
€ - |
€ - |
3.2.2 |
Projecten die een natuurinclusieve samenleving bevorderen |
€ -0,1 |
€ -0,1 |
€ - |
3.3.1 |
Beleidsontwikkeling stikstof |
€ 0,2 |
€ 0,2 |
|
3.3.2 |
Nationale parken |
€ - |
€ - |
€ - |
3.3.4 |
Faunabeheer |
€ -1,0 |
€ -0,4 |
€ -0,6 |
3.3.5 |
Bestrijding invasieve exoten |
€ 0,6 |
€ 0,6 |
|
3.4.1 |
Beleidsontwikkeling verduurzaming landbouw |
€ 0,4 |
€ 0,4 |
|
3.4.2 |
Innovatieprogramma Agro&Food |
€ -0,6 |
€ -0,6 |
€ - |
3.4.3 |
Landbouwstructuurversterking |
€ - |
€ 0,2 |
€ -0,2 |
3.5.1 |
Realisatie Natuurnetwerk Nederland |
€ -4,5 |
€ -4,5 |
€ - |
3.5.2 |
Veenweidestrategie Noordwest Overijssel |
€ - |
€ - |
€ - |
3.5.3 |
Afronding natuuropgave pMJP-projecten |
€ 0,1 |
€ - |
€ 0,1 |
3.5.4 |
Aanpak PAS melders |
€ 1,4 |
€ 1,3 |
€ 0,1 |
3.5.5 |
Bossenstrategie en boscompensatie |
€ - |
€ - |
€ - |
3.5.6 |
Provinciaal programma landelijk gebied |
€ 0,2 |
€ 0,2 |
€ - |
4.1.1 |
Beleidsontwikkeling mobiliteit |
€ - |
€ - |
€ - |
4.1.2 |
Regionale mobiliteitsaanpak |
€ - |
€ - |
€ - |
4.1.3 |
Slim inzetten van duurzame systemen en netwerken |
€ - |
€ - |
€ - |
4.1.5 |
Mobiliteitshubs |
€ -0,4 |
€ -0,4 |
€ - |
4.2.1 |
Transities Openbaar Vervoer |
€ - |
€ - |
€ - |
4.2.3 |
Concessie- en contractmanagement van bus en trein |
€ -4,5 |
€ 0,1 |
€ -4,6 |
4.2.4 |
Verbeteren infrastructuur openbaar vervoer |
€ 2,6 |
€ 2,6 |
€ - |
4.2.6 |
Spoor Zwolle - Enschede |
€ 1,4 |
€ 1,4 |
€ - |
4.3.1 |
Stimuleren fietsgebruik |
€ 8,7 |
€ 4,7 |
€ 4,0 |
4.4.1 |
Logistics Overijssel(POLO) |
€ -0,1 |
€ -0,1 |
€ - |
4.4.2 |
Slimme, vitale en innovatieve logistiek en goederenvervoer |
€ 0,1 |
€ - |
€ 0,1 |
4.5.1 |
Infrastructurele maatregelen verkeersveiligheid |
€ 0,6 |
€ 0,4 |
€ 0,2 |
4.5.2 |
Educatie en voorlichting verkeersveiligheid |
€ 0,4 |
€ - |
€ 0,4 |
4.6.2 |
A28 |
€ - |
€ - |
€ - |
4.6.3 |
N35 Lobby, onderzoek en realisatie |
€ - |
€ - |
€ - |
4.6.5 |
N50 |
€ - |
€ - |
€ - |
4.6.6 |
N307 |
€ - |
€ - |
€ - |
4.6.9 |
Verkenning, planstudies en realisatie overige projecten |
€ 0,3 |
€ - |
€ 0,3 |
4.6.10 |
Infrastructurele maatregelen bereikbaarheid |
€ 2,0 |
€ 0,4 |
€ 1,6 |
4.6.12 |
Vloedbeltverbinding |
€ - |
€ - |
€ - |
4.6.13 |
N35 Knooppunt Raalte |
€ 0,6 |
€ 0,6 |
€ - |
4.7.1 |
Beheer provinciale infrastructuur |
€ -4,0 |
€ 0,4 |
€ -4,4 |
4.7.2 |
Groot onderhoud provinciale infrastructuur |
€ - |
€ - |
€ - |
4.7.3 |
Vervangen provinciale infrastructuur |
€ - |
€ - |
€ - |
4.7.4 |
Aanpak schades langs Kanaal Almelo de Haandrik |
€ 0,5 |
€ 0,5 |
€ - |
4.7.5 |
Vervangen Zwartewaterbrug Hasselt |
€ - |
€ - |
€ - |
4.7.6 |
Aanpak vervanging oeverconstructies Kanaal Almelo de Haandrik |
€ 0,9 |
€ 0,9 |
€ - |
5.1.1 |
Bevorderen van de concurrentiekracht en verdienvermogen van ondernemers in Overijssel |
€ 0,2 |
€ -0,3 |
€ 0,5 |
5.1.2 |
Bevorderen van attractief Overijssels vestigingsklimaat voor ondernemers |
€ 0,7 |
€ 0,6 |
€ 0,1 |
5.1.3 |
Ontwikkelen van een toekomstgerichte economie |
€ -0,3 |
€ -0,3 |
€ - |
5.1.4 |
Werklocaties provinciale participaties |
€ 0,3 |
€ - |
€ 0,3 |
5.1.5 |
Verstrekken risicokapitaal |
€ -1,3 |
€ - |
€ -1,3 |
5.1.6 |
Retail |
€ 0,5 |
€ 0,5 |
€ - |
5.2.1 |
Recreatie en vrije tijd |
€ 0,8 |
€ 0,7 |
€ 0,1 |
5.2.2 |
Festivals en evenementen |
€ 0,6 |
€ 0,3 |
€ 0,3 |
5.3.1 |
Regiodeals Twente en Zuid en Oost Drenthe |
€ 0,3 |
€ 0,3 |
€ - |
5.3.2 |
Regiodeals Zwolle & Stedendriehoek |
€ 5,7 |
€ 5,7 |
€ - |
5.3.3 |
Nationaal groeifonds |
€ 0,6 |
€ 0,6 |
€ - |
5.3.4 |
Europese programma's |
€ 2,3 |
€ 2,3 |
€ - |
6.1.1 |
Materieel, immaterieel erfgoed en erfgoed in transitie |
€ 0,8 |
€ 0,1 |
€ 0,7 |
6.2.1 |
Een basis voor cultureel aanbod en talentontwikkeling |
€ - |
€ - |
€ - |
6.2.2 |
Cultureel aanbod en talentontwikkeling vernieuwen en ontwikkelen |
€ 0,6 |
€ 0,5 |
€ 0,1 |
6.3.1 |
Cultuureducatie en cultuurparticipatie |
€ - |
€ - |
€ - |
6.4.1 |
Een leven lang lezen èn leren |
€ 1,3 |
€ 0,5 |
€ 0,8 |
6.5.1 |
Overijsselaars zijn vitaal en kunnen deelnemen aan een inclusieve samenleving |
€ 0,6 |
€ 0,6 |
|
6.6.1 |
Duurzame voorzieningen, waardevolle verbindingen, inzet van vrijwilligers en maatschappelijke inititavtieven en diensten |
€ 1,7 |
€ 0,9 |
€ 0,8 |
6.7.1 |
Een platteland waar inwoners goed kunnen wonen, werken en leven in een gezonde en mooie omgeving |
€ 2,4 |
€ 2,3 |
€ 0,1 |
6.7.2 |
Erfcoaches |
€ 0,2 |
€ 0,2 |
€ - |
7.1.1 |
Interbestuurlijke verhoudingen |
€ - |
€ - |
€ - |
7.1.2 |
Interbestuurlijk toezicht |
€ - |
€ - |
€ - |
7.1.3 |
Integere overheid en aanpak ondermijning |
€ 0,5 |
€ 0,4 |
€ 0,1 |
7.1.4 |
(Rijks)taken Commissaris van de Koning |
€ 1,2 |
€ - |
€ 1,2 |
7.2.1 |
Jongeren en democratie |
€ 0,1 |
€ - |
€ 0,1 |
7.2.2 |
Participatie |
€ - |
€ - |
€ - |
7.2.3 |
Beleidsinformatie: kennis, onderzoek en datascience |
€ - |
€ - |
€ - |
7.3.1 |
Doelen bereiken met partners |
€ 0,2 |
€ - |
€ 0,2 |
7.3.2 |
Wet open overheid |
€ -0,1 |
€ - |
€ -0,1 |
7.3.3 |
Communicatie |
€ 0,1 |
€ - |
€ 0,1 |
7.3.4 |
Bezwaar en beroep |
€ - |
€ - |
|
7.3.5 |
Gedeputeerde Staten |
€ -1,5 |
€ - |
€ -1,5 |
7.4.1 |
Provinciale Staten |
€ -0,2 |
€ - |
€ -0,2 |
7.4.2 |
Trendbureau Overijssel |
€ - |
€ - |
€ - |
7.4.3 |
Sociaal Economische Raad Overijssel |
€ - |
€ - |
€ - |
OFD |
Toegerekende personeelsgebonden kosten |
€ 0,9 |
€ - |
€ 0,9 |
OFD |
Overhead |
€ 2,5 |
€ - |
€ 2,5 |
OFD |
Opcenten motorrijtuigenbelasting |
€ -1,7 |
€ - |
€ -1,7 |
OFD |
Provinciefonds |
€ 15,9 |
€ - |
€ 15,9 |
OFD |
Rente-opbrengsten |
€ 2,1 |
€ - |
€ 2,1 |
OFD |
Dividend |
€ 0,1 |
€ - |
€ 0,1 |
OFD |
Vrijval voorgaande jaren |
€ 1,7 |
€ - |
€ 1,7 |
OFD |
Onvoorzien en buffers voor CAO-ontwikkeling |
€ 1,6 |
€ - |
€ 1,6 |
Afrondingsverschillen |
€ - |
€ 0,3 |
€ -0,3 |
|
Totaal |
€ 72,50 |
€ 40,80 |
€ 31,70 |
|
Verklaring lagere besteding budgetten gedekt uit reserves
Terug naar navigatie - Analyse van het resultaat over 2025 - Verklaring lagere besteding budgetten gedekt uit reservesIn de begroting 2025 is opgenomen dat wij voor € 440 miljoen uit de reserves wilden halen. Het werkelijke bedrag dat we uit de reserves hebben gehaald is € 400 miljoen. We hebben dus € 40 miljoen minder uit de reserves gehaald dan begroot. Hieronder beschrijven wij waarvoor het geld dat we uit de reserves wilden halen bedoeld was. En we leggen uit waarom we € 40 miljoen minder uit de reserves hebben gehaald dan begroot.
Voor € 275 miljoen ging het om bedragen die wij uit reserves wilden halen om toe te voegen aan een andere reserve. Aan deze verschuivingen ligt een PS-besluit ten grondslag. Zo is bijvoorbeeld bij de Perspectiefnota 2026 besloten om vanuit de Algemene reserve € 96 miljoen toe te voegen aan andere reserves. Het gaat hier om administratieve verschuivingen die er voor zorgen dat het geld in de juiste reserves zit. De reserves hebben daardoor de benodigde omvang om de kosten van het vastgestelde beleid te kunnen opvangen. De overboeking van € 275 miljoen is in zijn geheel uitgevoerd. Wij hebben € 275 miljoen uit reserves gehaald en toegevoegd aan andere reserves.
Verder wilden wij € 165 miljoen uit reserves halen voor kosten die wij in 2025 dachten te maken . Deze kosten zijn uitgekomen op een bedrag van € 125 miljoen. Wij hebben daarom € 40 miljoen minder uit de reserves gehaald dan begroot. De lagere kosten zijn gemaakt op prestaties waaraan de volgende reserves een bijdrage leveren:
| Reserve uitvoering Kwaliteit van Overijssel | € 32,1 miljoen |
| Reserve Europese programma's | € 2,3 miljoen |
| Reserve sporen en wegen | € 2,6 miljoen |
| Reserve verstrekte subsidies | € 4,3 miljoen |
| Uitvoeringsreserve Natuurnetwerk Nederland | -/- € 4,5 miljoen |
| Overige reserves | € 4,0 miljoen |
| Totaal lagere onttrekking aan reserves | € 40,8 miljoen |
Reserve uitvoering Kwaliteit van Overijssel
Voor € 32 miljoen hebben de lagere kosten te maken met de Reserve uitvoering Kwaliteit van Overijssel. De reserve draagt bij aan 57 prestaties. In de begroting 2025 is opgenomen dat we € 105 miljoen uit deze reserve wilden halen. Uiteindelijk hebben we kosten gemaakt voor € 73 miljoen. De lagere kosten van € 32 miljoen hebben voor € ruim 23 miljoen te maken met de volgende prestaties:
- Prestatie 133 Investeren in de woningmarkt (€ 7,1 miljoen)
- Prestatie 142 Investeringsprogramma Ruimte Wonen Retail (€ 5,9 miljoen)
- Prestatie 231 Stimuleren van energiebesparende maatregelen en de opwekking van hernieuwbare energie (€ 3,4 miljoen)
- Prestatie 426 Spoor Zwolle - Enschede (€ 1,4 miljoen)
- Prestatie 532 Regiodeals Zwolle & Stedendriehoek (€ 5,7 miljoen).
Reserve Europese programma's
Een aantal door ons verstrekte subsidies vanuit het programma 2014 tot en met 2020 hebben wij lager vastgesteld dan destijds beschikt. Daarnaast verwachten wij een hogere subsidie op de uitvoeringskosten te ontvangen dan tot nu toe begroot. Als gevolg hiervan vallen de gemaakte kosten voor de Europese programma's in 2025 € 2,3 miljoen lager uit dan begroot. De begrote kosten voor prestatie 5.3.4 bedroegen ruim € 14 miljoen.
Reserve sporen en wegen
De werkzaamheden ter voorbereiding van de electrificatie van de spoorlijnen Zutphen - Hengelo, Almelo - Hardenberg en Enschede -Gronau vergen meer tijd. Een deel van de in 2025 begrote kosten wordt daardoor later gemaakt. Van de begrote € 3,9 miljoen op prestatie is € 1,3 miljoen gerealiseerd in 2025.
Reserve verstrekte subsidies
De prestatielevering voor enkele subsidies die wij verstrekt hebben loopt achter op schema. Het gaat daarbij vooral om subsidies voor fietspaden. Deze worden verantwoord op prestatie 4.3.1. De achterblijvende realisatie betekent dat wij de subsidielasten voor een kleiner deel dan verwacht mogen verwerken in de jaarrekening 2025. Dat leidt tot lagere kosten van € 4,8 miljoen in 2025.
Uitvoeringsreserve Natuurnetwerk Nederland
In 2025 is een groter deel van de kosten en opbrengsten voor Ontwikkelopgave gerealiseerd dan begroot. Dit leidt op prestatie 3.5.1 tot een nadeel van € 3,8 miljoen. Dit nadeel is in de jaarrekening ten laste gebracht voor de daarvoor beschikbare middelen in deze uitvoeringsreserve.
Overige reserves
De overige afwijkingen van € 4,0 miljoen worden veroorzaakt door kleinere verschillen op diverse reserves.
Voordelen op structurele begrotingsposten
Terug naar navigatie - Analyse van het resultaat over 2025 - Voordelen op structurele begrotingspostenIn reactie op de jaarstukken 2017 en 2018 heeft de auditcommissie geadviseerd om voor voordelen op structurele budgetten te duiden of die voordelen een incidenteel of structureel karakter hebben. Bij voordelen met een structureel karakter dient bovendien een relatie met de perspectiefnota te worden gelegd.
Van de totaal begrote lasten van € 714 miljoen heeft € 429 miljoen betrekking op structurele begrotingsposten. Voor € 9,4 miljoen zijn deze structurele budgetten niet besteed. Van de begrote baten van € 688 miljoen heeft € 515 miljoen betrekking op structurele begrotingsposten. De gerealiseerde baten op de structurele begrotingsposten waren € 3,7 miljoen lager dan begroot. Het totale voordeel op structurele begrotingsposten bedraagt daarmee € 5,7 miljoen.
Voor € 15,8 miljoen doen zich voordelen voor op begrotingsposten waarop voor minimaal het tweede achtereenvolgende jaar een voordeel van meer dan € 0,1 miljoen is gerealiseerd. Onderstaand beschrijven wij deze budgetten. Wij geven daarbij aan of deze onderbesteding structureel van karakter is. Onder de beschrijving is een samenvattende tabel opgenomen. Tegenover de voordelen staan nadelen op structurele budgetten. De grootste nadelen doen zich voor bij Openbaar vervoer (€ 4,6 miljoen, prestatie 4.2.3), beheer provinciale infrastructuur (€ 4,4 miljoen, prestatie 4.7.1), de Voorziening Algemene Pensioenwet Politieke Ambtsdragers (€ 1,5 miljoen, prestatie 7.3.5), en opbrengst motorrijtuigenbelasting (€ 1,7 miljoen).
Prestatie 1.1.1 Vaststellen en waarborgen actueel ruimtelijk- en waterbeleid (€ 0,1 miljoen)
Voor het actualiseren van het omgevingsbeleid zijn minder kosten gemaakt, Deze activiteit viel in 2025 samen met de opstelling van een nieuwe omgevingsvisie, waardoor er sprake is van een incidenteel voordeel. De omgevingsvisie wordt in mei 2026 besproken in Provinciale Staten.
Prestatie 1.1.2 Uitvoering ruimtelijk- en waterbeleid (€ 0,1 miljoen)
Het budget voor uitvoering van onderzoeken is door de latere invulling van de benodigde capaciteit voor een groot deel niet benut. Inmiddels is voorzien in de benodigde capaciteit. Wij gaan er daarom vanuit dat deze onderbesteding een incidenteel karakter heeft.
Prestatie 1.5.1 Grondzaken (€ 0,1 miljoen)
De structurele budgetten voor deze prestatie zijn bedoeld voor het afstoten van overtollig bezit, het tijdelijk beheer van gronden en opstallen en het anticiperend grondfonds. In de begroting gingen wij uit van € 2 miljoen aan lasten en € 3 miljoen aan baten. Ten opzichte van die begroting is een voordeel van € 0,1 miljoen gerealiseerd. Voordelen op deze posten voegen wij toe aan de Algemene reserve grondzaken. Wij zien dit voordeel daarom als incidenteel.
Prestatie 2.1.2 Voorbereiding, toezicht en handhaving milieu (€ 1,0 miljoen)
Binnen deze prestatie is een budget van € 4,0 miljoen beschikbaar voor de kosten van de omgevingsdiensten. Op dit budget is een voordeel gerealiseerd van € 0,7 miljoen. Dit voordeel is veroorzaakt door voordelige afrekeningen over 2024. Bovendien is via de Perspectiefnota 2026 een budget vanaf 2025 toegekend voor de omgevingsdienst Ijsselland. Dit budget is vanaf 2026 nodig. Naast de lagere kosten van € 0,7 miljoen zijn hogere legesopbrengsten van € 0,3 miljoen gerealiseerd. Gezien de oorzaken van de lagere kosten en de jaarlijks wisselende legesopbrengsten zien wij het voordeel op deze prestatie als incidenteel.
Stimuleren energiebesparende maatregelen en opwekking hernieuwbare energie (€ 0,1 miljoen)
De structurele budgetten voor deze prestatie bedragen € 1,1 miljoen. Op een aantal uitvoeringsbudgetten (€ 40.000) en op de ontvangen rente (€ 45.000) voor verstrekte duurzaamheidsleningen zijn kleine voordelen ontstaan, tot een totaal van € 85.000. De kleine afwijkingen ten opzichte van de beschikbare budgetten beschouwen wij als incidenteel.
Prestatie 3.1.4 Beheer natuurterreinen (€ 1,7miljoen)
Het structurele budget voor natuurbeheer bedroeg € 24,6 miljoen. Hiervan is € 1,7 miljoen niet besteed. Het areaal aan te beheren natuur groeit de komende jaren nog. Bovendien houden wij rekening met stijgende kostprijzen voor natuurbeheer. Wij verwachten dan ook dat de structurele bestedingen toenemen, de komende jaren. Het voordeel op deze prestatie zien wij daarom als incidenteel.
Prestatie 3.1.6 Projecten voor verbeteren biodiversiteit (€ 0,1 miljoen)
Het budget voor de subsidieregelingen Alternatieve verblijfplaatsen beschermde diersoorten en Ondersteuning Overijsselse aandachtsoorten bedroeg € 1,0 miljoen. Voor € 0,1 miljoen is dit budget niet besteed. Het niet bestede budget is nodig om de ontvangen aanvragen, die in 2025 nog niet zijn beschikt, toe te kennen. Wij doen dan ook een voorstel voor resultaatbestemming voor het niet bestede bedrag. Hier is sprake van een incidenteel voordeel.
Prestatie 3.1.7 Monitoring en evaluatie natuur en landschap (€ 0,2 miljoen)
Het structurele budget voor deze prestatie bedroeg € 1,6 miljoen. Hiervan is € 0,2 miljoen niet besteed. Dit betreft vooral de extra middelen die het Rijk via de meicirculaire beschikbaar heeft gesteld voor natuurmonitoring. Voor deze middelen doen wij een voorstel voor resultaatbestemming. Van een structureel voordeel is om die reden geen sprake.
Prestatie 3.3.1 Beleidsontwikkeling stikstof (€ 0,1 miljoen)
Van het structurele budget van € 1,5 miljoen voor deze prestatie is € 0,1 miljoen niet besteed. Op deze prestatie wordt een deel van de bijdragen aan BIJ12 (onderdeel IPO) verwerkt.
Prestatie 3.4.1 Beleidsontwikkeling verduurzaming landbouw (€ 0,3 miljoen)
Van het structurele budget voor deze prestatie is een groot deel niet besteed. Het budget is benodigd ter dekking van de kosten voor een langjarig onderzoek naar biologisch bodembeheer van graslanden. Dit betreft een incidenteel voordeel.
Prestatie 3.5.3 Afronding natuuropgave pMJP-projecten (€ 0,1 miljoen)
De structurele middelen voor deze prestatie bedragen € 3,9 miljoen. Ze zijn bedoeld ter dekking van de aflossingsverplichtingen voor in het verleden verstrekte subsidies voor functiewijziging (SKNL). Van het budget resteert € 0,1 miljoen.
Prestatie 4.3.1 Stimuleren fietsgebruik (€ 3,9 miljoen)
Voor deze prestatie was een structureel budget beschikbaar van € 7,2 miljoen. Hiervan resteert € 3,9 miljoen. Deze middelen hebben wij al wel beschikt. De realisatie van de gesubsidieerde infrastructurele maatregelen is vertraagd, waardoor wij een kleiner deel van de verstrekte subsidies al in 2025 mogen verwerken. De middelen blijven nodig voor de aangegane subsidieverplichtingen.
Prestatie 4.5.1 Infrastructurele maatregelen verkeersveiligheid (€ 0,2 miljoen)
Dit voordeel is ontstaan door lagere vaststellingen van in eerdere jaren verstrekte subsidies.
Prestatie 4.5.2 Educatie en voorlichting verkeersveiligheid (€ 0,4 miljoen)
Het voordeel van € 0,4 miljoen op de structurele middelen voor deze prestatie wordt veroorzaakt door lagere vaststellingen van subsidies die in voorgaande jaren verstrekt zijn. Voor deze lagere vaststellingen is via het Statenvoorstel Herprioritering (nr. 2020/1102400) besloten om de middelen beschikbaar te houden voor toekomstige uitvoeringsprogramma’s Mobiliteit.
Prestatie 4.6.10 Infrastructurele maatregelen bereikbaarheid (€ 1,6 miljoen)
Van het budget van € 2,8 miljoen is € 1,6 miljoen niet besteed. De realisatie van de gesubsidieerde infrastructurele maatregelen is vertraagd, waardoor wij een kleiner deel van de verstrekte subsidies al in 2025 mogen verwerken. De middelen blijven nodig voor de aangegane subsidieverplichtingen.
Prestatie 6.4.1 Een leven lang lezen en leren (€ 0,8 miljoen)
Het structurele budget voor deze prestatie bedroeg € 3,7 miljoen. Hiervan is € 0,8 miljoen niet besteed. De niet bestede middelen zijn bestemd voor de subsidieregeling voor de bibliotheek van de toekomst. Deze regeling hebben wij in november 2025 opengesteld. Wij doen bij deze jaarrekening een voorstel voor resultaatbestemming, zodat wij de regeling in 2026 kunnen voortzetten.
Prestatie 6.5.1 Overijsselaars zijn vitaal en kunnen deelnemen aan een inclusieve samenleving (€ 0,5 miljoen)
Van het structurele budget voor deze prestatie, ter grootte van € 2,3 miljoen, is € 0,5 miljoen niet besteed. Wij doen bij deze jaarrekening een voorstel voor resultaatbestemming om de niet bestede middelen beschikbaar te houden voor de subsidieregelingen Overijssel in beweging en Vernieuwing Sociale kwaliteit.
Prestatie 7.1.3 Integere overheid en aanpak ondermijning (€ 0,1 miljoen)
Het structurele budget voor deze prestatie bedroeg € 0,2 miljoen. Hiervan is € 0,1 miljoen niet besteed. Na besluitvorming over de beleidsnota ondermijning zijn de bijbehorende middelen zijn evenredig verdeeld over de programma-periode tot en met 2027. In het eerste jaar zijn de eerste ervaringen opgedaan en is er een scherpere prognose gemaakt voor de gehele programmaperiode. Dit betekent dat er meer middelen worden ingezet in 2026 dan in 2025.
Prestatie 7.3.1 Doelen bereiken met partners (€ 0,2 miljoen)
Van de structurele middelen voor deze prestatie, ter grootte van € 0,7 miljoen, is € 0,2 miljoen niet besteed. De kosten van de georganiseerde bijeenkomsten van het Nieuwspoort Overijsseldiner, de jaarlijkse ontmoeting van GS met Oost-Nederlandse Kamerleden en de Koningsdagreceptie in Düsseldorf vielen lager uit dan verwacht.
Prestatie 7.3.3 Communicatie (€ 0,1 miljoen)
Van de structurele middelen van € 0,4 miljoen is € 0,1 miljoen niet besteed.
Personeelsgebonden kosten (€ 0,9 miljoen)
Van het structurele budget voor doorbelaste personeelsgebonden kosten, ter grootte van € 92,3 miljoen, is € 0,9 miljoen niet besteed.
Overhead (€ 1,9 miljoen)
Het structurele budget voor overheadkosten bedraagt € 31,4 miljoen. Hiervan is € 1,9 miljoen niet besteed. Onder overhead vallen onder meer kosten voor informatisering en digitalisering, SSC-Ons, huisvesting, human resources, financiële beleidsontwikkeling & administratie en juridische ondersteuning. Een specificatie van de niet bestede bedragen is opgenomen bij het Onderdeel Overhead, financiering en algemene dekkingsmiddelen.
Structurele buffers voor prijsindexering en onvoorzien (€ 1,4 miljoen)
De structurele buffer voor de CAO-stijging (€ 1,2 miljoen) en de post onvoorzien (€ 0,2 miljoen) hebben wij in 2025 niet besteed.
Prestatie |
Prestatienaam |
Bedrag x 1 mln |
|---|---|---|
1.1.1 |
Vastleggen en waarborgen actueel ruimtelijk- en waterbeleid |
€0,10 |
1.1.2 |
Uitvoering ruimtelijk en waterbeleid |
€0,10 |
1.5.1 |
Grondzaken |
€0,10 |
2.1.2 |
VTH milieu |
€1,00 |
2.3.1 |
Stimuleren energiebesparende maatregelen en opwekking hernieuwbare energie |
€0,10 |
3.1.4 |
Beheer natuurterreinen |
€1,70 |
3.1.6 |
Projecten voor verbeteren biodiversiteit |
€0,10 |
3.1.7 |
Monitoring en evaluatie natuur en landschap |
€0,20 |
3.3.1 |
Beleidsontwikkeling stikstof |
€0,10 |
3.4.1 |
Beleidsontwikkeling verduurzaming landbouw |
€0,30 |
3.5.3 |
Afronding natuuropgave pMJP-projecten |
€0,10 |
4.3.1 |
Stimuleren fietsgebruik |
€3,90 |
4.5.1 |
Infrastructurele maatregelen verkeersveiligheid |
€0,20 |
4.5.2 |
Educatie en voorlichting verkeersveiligheid |
€0,40 |
4.6.10 |
Infrastructurele maatregelen bereikbaarheid |
€1,60 |
6.4.1 |
Een leven lang lezen èn leren |
€0,80 |
6.5.1 |
Overijsselaars zijn vitaal en kunnen deelnemen aan een inclusieve samenleving |
€0,50 |
7.1.3 |
Integere overheid en aanpak ondermijning |
€0,10 |
7.3.1 |
Doelen bereiken met partners |
€0,20 |
OFD* |
Toegerekende personeelsgebonden kosten |
€0,90 |
OFD* |
Overhead |
€1,90 |
OFD* |
Buffers voor prijsindexering en onvoorzien |
€1,40 |
Totaal |
€15,80 |
|
* Overhead, financiering en algemene dekkingsmiddelen |
Herhaalde resultaatbestemming
Terug naar navigatie - Analyse van het resultaat over 2025 - Herhaalde resultaatbestemmingIn reactie op de Boardletter 2019 heeft de auditcommissie de aanbeveling gedaan om het expliciet te vermelden als budgetten voor een tweede en of volgende keer doorschuiven naar een volgend jaar. In onderstaande tabel zijn de budgetten opgenomen waarvoor dat het geval is. Voorafgaand aan de tabel lichten wij de herhaalde resultaatbestemmingen toe.
Nationale omgevingsvisie EXecutiekracht (NOVEX) (prestatie 1.1.3, € 0,4 miljoen)
Wij hebben in 2024 decentralisatie-uitkeringen van het Rijk ontvangen ter grootte van € 0,4 miljoen. De besteding van de rijksmiddelen is vertraagd. Het niet bestede budget willen wij toevoegen aan de begroting 2026. De middelen willen wij dan inzetten voor onderzoek en analyse en voor kennis- en netwerkbijeenkomsten.
Omgevingswet (prestatie 1.1.5, € 0,4 miljoen)
In 2025 hebben we ingezet op de implementatie en verbetering van onze processen voor uitvoering van de omgevingswet. Dit vergde vooral inzet van onze eigen capaciteit. De niet bestede middelen uit 2025 hebben we nodig in 2026. Bijvoorbeeld voor opleiding, training en communicatie. En ook voor ondersteuning van gemeenten en de omgevingsdiensten bij hun werkzaamheden rondom de omgevingswet. Daarom doen we bij deze jaarrekening een resultaatbestemmingsvoorstel van € 0,4 miljoen.
Bovenregionale stresstesten wateroverlast (prestatie 1.4.1, € 0,2 miljoen)
Vanuit de perspectiefnota is € 0,5 miljoen beschikbaar voor deze stresstesten. De afronding van de stresstesten is vertraagd. Daarom stellen we voor de niet bestede middelen toe te voegen aan de begroting 2026.
Harmonisatie aanpak Zeer zorgwekkende stoffen (prestatie 2.1.1, € 0,1 miljoen)
Wij hebben een voortrekkersrol in deze aanpak. Hierover bent u in mei 2023 per brief geïnformeerd (kenmerk D2023-04-010541, 16 mei 2023). In de afgelopen periode is in IPO-verband deze rol goeddeels ingevuld en wordt er op landelijk niveau gewerkt aan de aanpak van Zeer Zorgwekkende Stoffen, waaronder PFAS. De niet bestede middelen willen wij toevoegen aan de begroting 2026 ter verdere uitvoering van de aanpak.
Meetpost Zwolle, hinder vliegveld Lelystad (prestatie 2.1.1, € 0,1 miljoen)
Onze activiteiten gericht op beperking van het vliegtuiglawaai stemmen we af op de nationale besluitvorming over (her)verdeling van het luchtruim en de luchthaven Lelystad. Afhankelijk hiervan ligt de vraag voor of wij nabij Zwolle nog een meetpost inrichten om hinder te monitoren. Dat laatste, het inrichten van een meetpost, is niet gerealiseerd in 2025, daarom leggen wij bij het jaarverslag een voorstel voor resultaatbestemming voor om de € 50.000 door te schuiven naar 2026.
Regionale energiestrategieën (prestatie 2.3.1, € 0,9 miljoen)
Binnen de RES-Overijssel 2025 resteren middelen. We hebben deze financiële middelen hard nodig voor uitvoerig van de opgaven in 2026 omdat en bestuurlijke afspraken zijn gemaakt over de besteding van deze middelen. Besteding van deze middelen vindt onder andere plaats via samenwerking binnen de Stichting Groene en Blauwe Diensten Overijssel.
Handhaving buitengebied (prestatie 3.1.2, € 0,1 miljoen)
Het budget van € 25.000 hebben wij in 2025 niet besteed. Na invulling van een openstaande vacature voor toezicht op houtopstanden geven wij in 2026 invulling aan de werkzaamheden waarvoor dit budget bestemd is.
Natuurbrandpreventie (prestatie 3.1.4, € 0,1 miljoen)
In de begroting 2025 is voor natuurbrandbeheersing een bedrag opgenomen van € 0,3 miljoen, van dit budget zijn twee subsidies verleend van totaal € 0,22 miljoen. Het restant budget, € 80.000, willen we vanwege het meerjarig karakter doorschuiven naar de periode 2026 t/m 2029 en toevoegen aan de Reserve Uitvoering Kwaliteit van Overijssel.
Subsidie restauratie Boven- of Sint Nicolaaskerk (prestatie 6.1.1. € 0,8 miljoen)
De werkzaamheden voor deze restauratie vinden plaats in 2026. Het benodigde budget willen wij toevoegen aan de begroting 2026.
Vrijwilligersondersteuning en Motie vrijwilligers cruciaal voor Overijssel (prestatie 6.6.1, € 0,2 miljoen)
De provinciale visie vrijwilligers is eind 2025 aan Provinciale Staten aangeboden. Om de gevormde plannen uit te kunnen voeren en om verder uitvoering aan de visie te kunnen geven heeft u de termijn voor de uitvoering verlengd tot eind 2026 voor het resterende budget. Bij deze jaarrekening doen wij daarom een voorstel voor resultaatbestemming voor de niet bestede middelen.
Spreidingswet (prestatie 7.1.4, € 0,8 miljoen)
Via de decembercirculaire 2024 heeft het Rijk middelen beschikbaar gesteld voor de spreidingswet. De provinciale regietafels worden op die manier versterkt ten aanzien van de verdeling van opvangplekken. Voor Overijssel betreft dit een bijdrage van € 0,8 miljoen. Wij stellen voor om een bedrag van €0,8 miljoen middels een resultaatbestemming toe te voegen aan de jaarschijf 2026 van prestatie 7.1.4 van de begroting 2026.
Regietafel asiel (prestatie 7.1.4, € 0,1 miljoen)
De niet bestede middelen zijn nodig voor aanvragen die door gemeenten in 2025 zijn gedaan en die in 2026 worden beschikt.
Prestatie |
Omschrijving |
Onderwerp |
Bedrag x € 1,0 miljoen |
|---|---|---|---|
1.1.3 |
Verstedelijkingsstratgieën en regiostructuur |
Novex gebied Regio Zwolle |
€ 0,4 |
1.1.5 |
Inplementatie omgevingswet |
Implementatie omgevingswet |
€ 0,4 |
1.4.1 |
Werken aan een klimaatadaptieve inrichting in 2050 |
Bovenregionale stresstesten wateroverlast |
€ 0,2 |
2.1.1 |
Beleidsontwikkeling en kaderstelling milieu en gezondheid |
Harmonisatie aanpak Zeer zorgwekkende stoffen - PFAS |
€ 0,1 |
2.1.1 |
Beleidsontwikkeling en kaderstelling milieu en gezondheid |
Meetpost Zwolle hinder Vliegveld Lelystad |
€ 0,1 |
2.3.1 |
Stimuleren van energiebesparende maatregelen en de opwekking van hernieuwbare energie |
Regionale energiestrategieën |
€ 0,9 |
3.1.2 |
Vergunningverlening, toezicht en handhaving natuur en landschap |
Handhaving buitgebied |
€ 0,1 |
3.1.4 |
Beheer natuurterreinen |
Natuurbrandpreventie |
€ 0,1 |
6.1.1 |
Materieel, immaterieel erfgoed en erfgoed in transitie |
Restauratie Boven of Sint Nicolaaskerk |
€ 0,8 |
6.6.1 |
Versterking maatschappelijke initiatieven en inzet vrijwilligers |
Vrijwilligersondersteuning en Motie vrijwilligers cruciaal voor Overijssel |
€ 0,2 |
7.1.4 |
(Rijks)taken Commissaris van de Koning |
Spreidingswet |
€ 0,8 |
7.1.4 |
(Rijks)taken Commissaris van de Koning |
Regietafel asiel |
€ 0,1 |
Totaal |
€ 4,2 |
Resultaatbestemmingen en begrotingswijzigingen
Terug naar navigatie - Analyse van het resultaat over 2025 - Resultaatbestemmingen en begrotingswijzigingenEen deel van het jaarrekeningresultaat is nodig voor de verdere uitvoering van beleid in 2026 en latere jaren. Daarom doen wij een aantal resultaatbestemmingsvoorstellen om delen van het jaarrekeningresultaat toe te voegen aan de begroting 2026-2029 of aan diverse reserves. Verder doen wij een aantal begrotingswijzigingsvoorstellen om middelen vanuit reserves toe te voegen aan de begroting 2026-2029 of over te hevelen naar andere reserves. In het statenvoorstel over de resultaatbestemmingen en begrotingswijzigingen bij de jaarstukken 2025 is dit beschreven. Dit voorstel vindt u onder het kopje 'Bijlagen' rechtsboven aan de homepage.
Overzicht jaarrekeningresultaat 2018-2025
Terug naar navigatie - Analyse van het resultaat over 2025 - Overzicht jaarrekeningresultaat 2018-2025
Resultatenoverzicht x € 1 miljoen |
2018 Voordeel t.o.v. de begroting |
2019 Voordeel t.o.v. de begroting |
2020 Voordeel t.o.v. de begroting |
2021 Voordeel t.o.v. de begroting |
2022 Voordeel t.o.v. de begroting |
2023 Voordeel t.o.v. de begroting |
2024 Voordeel t.o.v. de begroting |
2025 Actuele Begroting |
2025
Realisatie |
2025
Voordeel t.o.v. de begroting |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Resultaat |
14,5 |
47,8 |
27,1 |
34,4 |
36,6 |
38,7 |
66,5 |
0 |
31,7 |
31,7 |
Saldo van baten en lasten |
54,3 |
124,6 |
81,5 |
121,5 |
89,2 |
115,2 |
94,4 |
-26,2 |
46,3 |
72,5 |
Stortingen en onttrekkingen aan reserves |
-39,8 |
-76,8 |
-54,3 |
-87,1 |
-52,6 |
-76,5 |
-27,9 |
26,2 |
-14,6 |
-40,8 |
2018 |
2019 |
2020 |
2021 |
2022 |
2023 |
2024 |
2025 |