Personeelsgebonden lasten
Personeelsgebonden lasten
Terug naar navigatie - Personeelsgebonden lasten - Personeelsgebonden lastenBinnen de personeelsgebonden lasten maken wij onderscheid tussen personeel in loondienst, inhuur van derden en de vergoedingen voor de leden van PS en GS. In het onderstaande overzicht zijn de begrote bedragen, begrotingswijzigingen en gerealiseerde bedragen opgenomen met onderscheid naar deze drie onderdelen. In totaal bedroegen deze lasten in 2025 € 140,7 miljoen. Dat is een stijging van 11,7% ten opzichte van 2024 (€ 126,0 miljoen). Omdat de totale lasten van de organisatie in 2025 ook zijn gestegen, is het aandeel salariskosten ten opzichte van de totale gerealiseerde lasten nagenoeg gelijk gebleven (22,0% in 2025 t.o.v. 22,7% in 2024).
Personeel in loondienst
De geactualiseerde begroting voor personeel in loondienst bedroeg in 2025 € 110,8 miljoen. In 2025 is een bedrag van € 105,6 miljoen gerealiseerd, circa 5% minder dan begroot. Er is daarmee sprake van een stijging van circa 11% ten opzichte van 2024 (€ 95,3 miljoen). Dit wordt met name veroorzaakt door de toegenomen loonkosten vanuit de CAO-afspraken en een toename van het aantal medewerkers in loondienst, zoals verderop in deze paragraaf is toegelicht.
Hoewel de totale bezetting in 2025 is toegenomen, is er sprake van een lagere besteding ten opzichte van de begroting. Dit wordt veroorzaakt doordat er - net als in 2024 - een gedeelte van de formatieplaatsen tijdelijk met inhuur is ingevuld. Deze kosten zijn opgenomen onder het gedeelte inhuur derden.
Inhuur derden
In 2025 is € 30,2 miljoen besteed aan externe inhuur. Dit is een toename van € 3,5 miljoen (13%) ten opzichte van de inhuur bestedingen in 2024. De omvang van de inhuur als percentage van de totale loonkosten is hiermee licht gestegen. De belangrijkste opgaven waarvoor in 2025 externe expertise is ingehuurd zijn:
- Kanaal Almelo de Haandrik: schadedossier (inclusief ondersteuning bestuurlijk kopstuk) en de aanpak oeverconstructies.
- Beheer provinciale infrastructuur: diverse expertise ten behoeve van uitvoeringsprojecten.
- Bedrijfsvoering: informatiseringsdomein en afhandeling woo-verzoeken.
Vergoedingen PS en GS
In 2025 is €4,9 miljoen besteed aan de vergoedingen voor leden van Provinciale Staten en Gedeputeerde Staten. Dit is een toename van € 0,9 miljoen ten opzichte van 2024. Voor de vergoedingen voor PS is sprake van een beperkte overschrijding, omdat de hoogte van de vergoedingen sterker is toegenomen dan de reguliere indexatie die op deze budgetten wordt toegepast (zie prestatie 7.3.6 voor toelichting). Wij bekijken of deze stijging aanleiding geeft om de budgetten voor de jaren 2026 en verder hiervoor aan te passen. De overschrijding voor de vergoeding GS-leden wordt veroorzaakt door een extra storting in de Voorziening APPA (zie prestatie 7.3.5 voor toelichting). Deze overschrijding kan worden opgevangen binnen het saldo van baten en lasten van kerntaak 7, zoals ook toegelicht bij de betreffende prestaties.
x €1.000 |
Rekening 2024 |
Primitieve begroting 2025 |
Begrotings-wijzigingen 2025 |
Actuele begroting 2025 |
Rekening 2025 |
Verschil 2025 |
|
|---|---|---|---|---|---|---|---|
Totaal |
125.967 |
140.728 |
|||||
Personeel in loondienst |
95.276 |
95.743 |
15.072 |
110.815 |
105.641 |
5.174 |
|
Salarissen en sociale lasten |
94.079 |
91.763 |
15.109 |
106.872 |
103.820 |
3.052 |
|
Stagevergoedingen |
68 |
120 |
0 |
120 |
152 |
-32 |
|
Voormalig personeel / seniorenbeleid |
32 |
54 |
0 |
54 |
30 |
25 |
|
Reis- en verblijfkosten |
1.087 |
1.393 |
0 |
1.393 |
1.139 |
254 |
|
Opleidingskosten |
1.480 |
1.508 |
0 |
1.508 |
1.275 |
233 |
|
Overige kosten |
1.207 |
904 |
-38 |
867 |
1.583 |
-716 |
|
Inkomsten uit externe verrekeningen |
-2.677 |
0 |
0 |
0 |
-2.358 |
2.358 |
|
Inhuur derden* |
26.650 |
nvt |
nvt |
nvt |
30.195 |
nvt |
|
Inhuur ten laste van exploitatie |
23.990 |
nvt |
nvt |
nvt |
26.810 |
nvt |
|
Inhuur ten laste van investeringen |
1.993 |
nvt |
nvt |
nvt |
2.435 |
nvt |
|
Inhuur ten laste van voorzieningen |
667 |
nvt |
nvt |
nvt |
950 |
nvt |
|
Vergoedingen PS en GS |
4.041 |
3.298 |
0 |
3.298 |
4.892 |
-1.594 |
|
Vergoeding PS-leden |
1.359 |
1.385 |
0 |
1.385 |
1.512 |
-127 |
|
Vergoeding GS-leden |
2.681 |
1.913 |
0 |
1.913 |
3.380 |
-1.466 |
|
* Dit betreft de inzet van uitzendkrachten en externe deskundigheid. Deze wordt op prestatie- en projectbudgetten niet separaat begroot. |
|||||||
Medewerkers in loondienst
Terug naar navigatie - Personeelsgebonden lasten - Medewerkers in loondienstIn onderstaande grafiek wordt de groei van het aantal medewerkers in loondienst weergegeven. In 2025 is de bezetting gestegen van 1027 fte per eind 2024 naar 1072 fte per eind 2025. Deze stijging kent twee oorzaken:
a) Landelijke ontwikkelingen en transities brengen nieuwe taken met zich mee en vragen ook om nieuwe kennis. Een paar voorbeelden zijn energie, vergunningverlening, stikstof, de investeringen in wegen en kunstwerken. Voor een aantal (nieuwe) taken verstrekt het Rijk specifieke uitkeringen waaruit ook de personele lasten gedekt kunnen worden.
b) In de vorige coalitieperiode is een transitie ingezet om minder afhankelijk te worden van inhuur en meer activiteiten te laten verrichten door eigen personeel. We zetten in op het bevorderen van de binding met de provincie; in deze krappe arbeidsmarkt is dat een absolute noodzaak en daarnaast ook kosteneffectiever. Dit heeft in de jaren 2021-2024 geresulteerd in een daling van de inhuurkosten.

WNT-norm
Terug naar navigatie - Personeelsgebonden lasten - WNT-normHet geldend normenkader voor 2025 is de Wet normering topinkomens (WNT), het Uitvoeringsbesluit WNT en de Uitvoeringsregeling WNT. De Wet Normering Topinkomens (WNT) wijst de provinciesecretaris (algemeen directeur) en de statengriffier aan als topfunctionarissen. Zij vallen onder de WNT. Het algemene bezoldigingsmaximum voor 2025 is genormeerd op bruto € 246.000. De bezoldiging van beide functionarissen blijft onder het toegestane maximum.
Gegevens 2025
bedragen x € 1 |
N. Versteeg |
R. Wiggers |
|---|---|---|
Functiegegevens |
Provinciesecretaris |
Statengriffier |
Aanvang en einde functievervulling in 2025 |
1/1 - 31/12 |
1/1 - 31/12 |
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) |
1,000 |
0,800 |
Dienstbetrekking |
ja |
ja |
Bezoldiging |
203.130 |
203.130 |
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen |
179.839 |
115.926 |
Beloningen betaalbaar op termijn |
23.291 |
18.510 |
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum |
246.000 |
196.800 |
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag |
n.v.t. |
n.v.t. |
Totale bezoldiging |
203.130 |
134.435 |
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan |
n.v.t. |
n.v.t. |
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling |
n.v.t. |
n.v.t. |
Gegevens 2024
bedragen x € 1 |
N. Versteeg |
R. Wiggers |
Functiegegevens |
Provinciesecretaris |
Statengriffier |
Aanvang en einde functievervulling in 2024 |
1/1 - 31-12 |
1/1 - 31/12 |
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) |
1,000 |
0,800 |
Dienstbetrekking |
ja |
ja |
Bezoldiging |
196.657 |
124.484 |
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen |
173.361 |
108.360 |
Beloningen betaalbaar op termijn |
23.295 |
16.178 |
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum |
233.000 |
186.400 |
Bezoldiging |
196.657 |
124.484 |