237.845 Uitgaven (x1000)
Kerntaak 4: Mobiliteit

Kerntaak 4: Mobiliteit

237.845 Uitgaven (x1000)

Dit is hoe wij denken

Terug naar navigatie - Kerntaak 4: Mobiliteit - Dit is hoe wij denken

Deze kerntaak richt zich op het optimaal bereikbaar houden van onze provincie. Overijssel moet goed en veilig bereikbaar zijn voor haar inwoners, ondernemers en bezoekers. Mobiliteit brengt mensen bij elkaar en is nodig voor een sterke economie en een aantrekkelijk leefklimaat. Daarom werken we aan een veilig en toekomstbestendig mobiliteitsnetwerk. We staan voor grote veranderingen. Een slimme inrichting van onze mobiliteit kan deze opgaven ondersteunen en versterken. 

In onze visie op mobiliteit staat een veilige, duurzame en snelle verplaatsing in en door Overijssel centraal. We leggen de nadruk op het STOMP-principe (Stappen, Trappen, OV, Mobiliteitsdiensten en Privéauto) en op zero emissie vervoer, zowel voor personen- als goederenvervoer.

Via het landelijk Strategisch Plan Verkeersveiligheid werken we aan een veilige weginrichting en stimuleren we veilig (rij)gedrag bij verkeersdeelnemers. Daarnaast streven we naar betaalbaar regionaal OV dat dorpen en steden goed verbindt. 

We voeren de wettelijke regie en coördineren de inbreng van alle betrokken partijen binnen het beleidsveld mobiliteit.

We zijn concessieverlener voor het regionaal openbaar vervoer en werken hiermee aan het verbeteren van onze bereikbaarheid, bijvoorbeeld door de introductie van mobiliteitshubs, elektrificatie van treindiensten en flexibel openbaar vervoersoplossingen. 

Als beheerder van provinciale (vaar)wegen werken we aan de instandhouding van een veilig en goed functionerend (vaar)wegennet. 

Dit is wat wij doen

Terug naar navigatie - Kerntaak 4: Mobiliteit - Dit is wat wij doen

Dit is wat wij doen

Terug naar navigatie - Kerntaak 4: Mobiliteit - Dit is wat wij doen

4.1 Slimme combinatie van systemen en netwerken

Terug naar navigatie - Kerntaak 4: Mobiliteit - Dit is wat wij doen - 4.1 Slimme combinatie van systemen en netwerken

We optimaliseren de (benutting van) vervoersystemen en netwerken. Op basis van de omgevingsvisie en het daaruit voortvloeiende Regionaal Mobiliteitsprogramma maken we keuzes over de kwaliteit van ons vervoerssysteem (4.1.1).
In onze mobiliteitsaanpak zetten we met gemeenten en partners in op gedragsbeïnvloeding en een betere bereikbaarheid en onderlinge aansluiting van verschillende vervoerswijzen voor personen en goederen (4.1.2).
Voor een betere bereikbaarheid stimuleren we het bewust kiezen of, hoe, en op welk tijdstip men zich verplaatst. Ook het slim combineren van systemen en netwerken draagt bij aan optimale bereikbaarheid (4.1.3). Dit gebeurt onder andere via de ontwikkeling van mobiliteithubs (4.1.5). 

4.2 Toekomstbestendig en duurzaam openbaar vervoer

Terug naar navigatie - Kerntaak 4: Mobiliteit - Dit is wat wij doen - 4.2 Toekomstbestendig en duurzaam openbaar vervoer

Als opdrachtgever voor het regionale openbaar vervoer (OV) verlenen wij concessies voor bus en trein. Wij zetten in op kwaliteitsverbetering en stemmen het vervoersaanbod af op de vraag. We versterken het kernnet en vinden oplossingen voor de kleinere vervoersstromen. Met een omvorming van openbaar vervoer naar publieke mobiliteit krijgt de vraag naar mobiliteit een passender en meer toekomstbestendig aanbod. 
We zetten ons in om de treintrajecten Zutphen – Hengelo – Oldenzaal, Almelo – Hardenberg en Enschede – Gronau (Münster) te elektrificeren om robuuste en duurzame treindiensten te realiseren. We werken door aan zero emissie busvervoer.
Openbaar vervoer moet veilig en toegankelijk zijn. De provincies Flevoland, Gelderland en Overijssel hebben samen met de vervoerders en politie een convenant om sociale veiligheid zo goed mogelijk te garanderen binnen de kaders van budget, wet en beleid. Uitvoering gebeurt volgens gezamenlijke jaarplannen. Ons openbaar vervoer moet toegankelijk en vanzelfsprekend zijn, zodat iedereen er goed gebruik van kan maken (4.2.3 t/m 4.2.7).
We werken mee aan het Rijksprogramma ‘Toekomstbeeld OV 2040’ en behartigen daarin de belangen van Overijssel. We werken aan gezamenlijke kennisontwikkeling (4.2.1).

4.3 Vaker op de fiets

Terug naar navigatie - Kerntaak 4: Mobiliteit - Dit is wat wij doen - 4.3 Vaker op de fiets

We zetten, vanuit het  STOMP-principe (Stappen, Trappen, OV, Mobiliteitsdiensten en Privéauto) , sterk in op actieve mobiliteit: lopen en fietsen. Wij stimuleren het gebruik van de (elektrische) fiets op afstanden tot ongeveer vijftien kilometer. De fiets is belangrijk als vervoermiddel van en naar stations, mobiliteitshubs, bushaltes en carpoolplaatsen. Het belang van actieve mobiliteit is de bijdrage aan onze maatschappelijke opgaven zoals leefbare steden en dorpen, de bereikbaarheid van voorzieningen en economische kernen, minder CO2 uitstoot, gezonde en vitale bewoners. Een kwalitatief goed en veilig fietsnetwerk is een randvoorwaarde voor het stimuleren van fietsen. We blijven daarom gezamenlijk investeren in ons Kernnet fiets.  
Daarnaast zetten we samen met onze partners in op gedragsinterventies, via o.a. de landelijke campagnes, werkgeversaanpak en verkeersveiligheidsacties (4.3.1).

4.4 Robuuste, slimme en duurzame logistiek

Terug naar navigatie - Kerntaak 4: Mobiliteit - Dit is wat wij doen - 4.4 Robuuste, slimme en duurzame logistiek

Onder de vlag van Logistics Overijssel werken we aan een toekomstbestendige logistieke sector (4.4.1). We hebben goed bereikbare werklocaties op strategische knooppunten aan (inter)nationale routes. Deze sterke logistieke positie willen we nog beter benutten. Samen werken we aan een efficiënt en duurzame transitie van het goederenvervoer (4.4.2). Dat vergroot de bereikbaarheid, de werkgelegenheid en de toegevoegde waarde van de logistieke sector.

4.5 Iedereen elke dag veilig thuis

Terug naar navigatie - Kerntaak 4: Mobiliteit - Dit is wat wij doen - 4.5 Iedereen elke dag veilig thuis

Verkeersveiligheid is fundamenteel voor de leefbaarheid in Overijssel. De ongevallencijfers en de maatschappelijke kosten onderstrepen de noodzaak dat we ons blijven inzetten op het veiliger maken van het verkeer. Op basis van het landelijke Strategisch Plan Verkeersveiligheid (SPV) 2030 werken we aan onze uitvoeringsprogramma's en dragen wij bij aan de ambities om het aantal verkeersslachtoffers te verlagen. Dat doen we door het veiliger maken van het wegennetwerk in onze provincie (4.5.1.) en door gedragsbeïnvloeding (4.5.2.). 

4.6 Goede bereikbaarheid voor wegverkeer

Terug naar navigatie - Kerntaak 4: Mobiliteit - Dit is wat wij doen - 4.6 Goede bereikbaarheid voor wegverkeer

Een goed en veilig wegennet in de provincie is en blijft noodzakelijk voor de bereikbaarheid van woningen, werklocaties en voorzieningen in Overijssel. Hierbij hechten we veel waarde aan goede (inter)nationale verbindingen. Samen met onze regiopartners maken wij er ons hard voor dat het Rijk blijft investeren in de verbetering van Rijkswegen in Overijssel. 
De opgaven voor woningbouw, duurzame mobiliteit met het STOMP principe (Stappen, Trappen, OV, Mobiliteitsdiensten, Prive-auto), en ruimtelijke keuzes vragen om een integrale afweging voor nieuwe investeringen in het wegennet. Vanuit de Wegenvisie in de Integrale Netwerkvisie Overijssel (INO) werken wij dit uit in een Meerjarenprogramma Wegen (4.6.2 t/m 4.6.13).

4.7 Goed functionerende provinciale infrastructuur

Terug naar navigatie - Kerntaak 4: Mobiliteit - Dit is wat wij doen - 4.7 Goed functionerende provinciale infrastructuur

Wij werken aan de instandhouding van onze provinciale infrastructuur. Wij houden daarbij rekening met verkeersveiligheid, doorstroming, leefbaarheid en het milieu. 
Daarnaast voeren wij de Schaderegeling Kanaal Almelo de Haandrik uit.

Risico's

Terug naar navigatie - Kerntaak 4: Mobiliteit - Risico's

Afname van investeringsbudget door oplopende kosten onderhoud en personeel
Investeringen door het Rijk voor mobiliteitsopgave staan onder druk, blijven uit of worden gepauzeerd.  Oorzaken zijn tekort aan investeringsbudget door oplopende kosten voor instandhouding, forse kostenstijgingen en tekort aan personeel. Daarnaast kampen de gemeenten ook met bezuinigingsopgaven. Het risico bestaat dat er daardoor minder wordt geïnvesteerd in de aanpak van verkeersveiligheid, bereikbaarheid en duurzaamheid.

Regelgeving stikstof, langdurige bezwaren en lange doorlooptijden bij nutsbedrijven zorgen voor vertraging in projecten
Vertraging in projecten als gevolg van wet en regelgeving rondom stikstof en langdurige bezwaar en beroep procedures. Dit speelt ook bij aansluitingen op Rijkswegen voor de wegbeheerders van de aansluitende wegen, woningbouw en gebiedsontwikkelingen. De nieuwe uitspraak van Raad van State rondom stikstof die impact gaat hebben op de scope en planning van projecten. Gewijzigde normen in het kader van bodemverontreiniging: secundaire bouwstoffen o.a. hoogovenslakken en zeer zorgwekkende stoffen o.a. PFAS. Daarnaast komen planningen van projecten komen onder druk te staan door de lange doorlooptijd bij nutsbedrijven en kabels en leidingen aannemers voor het verleggen van kabels en leidingen. De lange doorlooptijd is mede ontstaan door de grote vraag richting nutsbedrijven in het kader van o.a. de energietransitie.

Risico's rond uitvoering elektrificatie regionale spoorlijnen
De besluitvormingsprocessen voor de elektrificatie van de nog resterende diesel-spoorlijnen Almelo-Mariënberg en Zutphen-Hengelo-Oldenzaal zijn in gang gezet. Over de verdeling van de kosten en de risico's worden afspraken gemaakt met het ministerie van Infrastructuur & Waterstaat en, in het geval van Zutphen-Hengelo-Oldenzaal, ook met de provincie Gelderland. Er bestaat het risico dat de door de betrokken partijen hiervoor beschikbaar gestelde middelen niet voldoende zijn.

Toelichting meerjarenbegroting

Terug naar navigatie - Kerntaak 4: Mobiliteit - Toelichting meerjarenbegroting

4.1.3 Slim inzetten van duurzame systemen en netwerken
Onder prestatie 4.1.3 zijn een aantal specifieke uitkeringen begroot die eindigen in 2025. Daarom is er een  daling van de baten en lasten te zien in 2026.

4.1.5 Mobiliteitshubs
Een groot deel van de coalitiemiddelen voor mobiliteitshubs staan begroot in 2025. Mogelijk schuift een deel door naar 2026. 

4.2.3 Concessie- en contractmanagement van bus en trein
De begroting voor 2026 is een stuk hoger dan 2025 voor zowel de baten als de lasten. Dit heeft te maken met een omzetting van de financiering van Hengelo-Bielefeld van incidenteel naar structureel (P-nota 2026), extra verwachtte reizigersopbrengsten en indexatie concessies.

4.2.4 Verbeteren infrastructuur openbaar vervoer
De middelen voor de planvorming van de elektrificaties zijn begroot onder deze prestatie. Almelo-Hardenberg gaat over naar de uitvoering, waarvoor een aparte prestatie is aangemaakt (4.2.7). Voor Zutphen-Hengelo-Oldenzaal komt een voorstel om middelen beschikbaar te stellen in 2026 voor de planvorming. 

4.2.6 Spoor Zwolle - Enschede
In 2025 wordt het project Zwolle-Enschede afgerond. Mogelijk schuift de financiële eindafrekening door naar 2026.

4.2.7 Elektrificatie Almelo - Mariënberg
De middelen voor elektrificatie ALMA worden geraamd bij de 2e monitor 2025, omdat er dan meer bekend is over de kostenraming over de jaren. 

4.3.1 Stimuleren fietsgebruik
Er zijn incidentele middelen geraamd tot en met 2027 voor de coalitieperiode. Daarnaast staat in 2025 nog een bedrag begroot voor het afwikkelen van subsidies uit voorgaande jaren die voortkomen uit het uitvoeringsplan mobiliteit (UVP).

4.6.13 Knooppunt Raalte
Bij deze begroting zijn de ramingen tot en met 2026 opgenomen. Wij bereiden een investeringsbesluit voor over het vervolg van het project Knooppunt Raalte en de benodigde financiering. Hiervoor zijn reeds middelen in onze begroting gereserveerd.  Het investeringsbesluit wordt ter besluitvorming aan u voorgelegd. 

4.7.4. Aanpak Schades langs Kanaal Almelo de Haandrik
Vanuit de Reserve Waterwegen zijn bestedingen voorzien tot en met 2027. Jaarlijks herijken wij bij de Jaarrekening de geraamde bestedingen op basis van actuele inzichten van de omvang en planning van de schadeafwikkeling.

4.6.12. Vloedbeltverbinding, 4.7.3. Vervangen provinciale infrastructuur en 4.7.6. Aanpak verv. Oeverconstructies KADH
Bij de prestaties 4.6.12. Vloedbeltverbinding en 4.7.6. Aanpak verv. Oeverconstructies KADH zijn voor de komende jaren geen lasten geraamd. Bij prestatie 4.7.3. Vervangen provinciale infrastructuur zien we een toename van de lasten. 

Onder deze prestaties worden de (vervangings-)investeringen uitgevoerd. Hiervoor stellen Provinciale Staten investeringskredieten vast (zie voor een totaaloverzicht de tabel onder Paragraaf Investeringen). De hieruit voortvloeiende kapitaallasten komen na afronding van deze projecten ten laste van de meerjarige structurele begroting en worden dan in bovenstaande tabel opgenomen. De projecten Vloedbelt en Aanpak verv. Oeverconstructies zijn niet voor 2029 afgerond, vandaar dat hier nu geen lasten zichtbaar zijn. Wel verwachten we dat meerdere projecten bij prestatie 4.7.3. vóór 2029 afgerond zijn, vandaar dat hier een toename in de lasten te zien zijn.